Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.4 Artikel 4. Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit

Stimuleren van een goede kwaliteit van de gebouwde omgeving op de aspecten duurzaamheid, energiezuinigheid, veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid en toegankelijkheid.

Met deze doelstelling doet het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) recht aan diverse publieke waarden.

  • De energietransitie in de gebouwde omgeving zorgt voor vermindering van de CO2-uitstoot kan de woonlasten/gebruikslasten voor eigenaren en huurders van gebouwen verminderen. Uitgangspunt daarbij is dat voor steeds meer huishoudens – kopers en huurders - de kosten voor verduurzaming via een lagere energierekening terugverdiend kunnen worden.

  • Gebouwen voldoen aan de eisen van bouwregelgeving op het gebied van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid en toegankelijkheid.

  • Vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen in de bouw door onder meer zo hoogwaardig mogelijk gebruik van bouw- en sloopafval draagt bij aan de beschikbaarheid en betaalbaarheid van producten en diensten op de langere termijn.

Deze publieke waarden worden op onderdelen concreet gemaakt in de volgende op termijn te bereiken resultaten:

  • vermindering van de CO2-uitstoot van de gebouwde omgeving met minstens 3,4 Mton in 2030 in het kader van de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met minstens 49% ten opzichte van 1990, zoals afgesproken in het Regeerakkoord van het kabinet-Rutte III;

  • aardgasvrije gebouwde omgeving richting 2050. Conform het in het voorjaar 2019 gepubliceerde Klimaatakkoord uitvoering van grootschalige proeftuinen in minimaal honderd wijken gericht op opschaling en het opdoen van kennis en ervaring;

  • samen met maatschappelijke partners 50% minder gebruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) realiseren in 2030 als tussendoel. Dit is in lijn met het programma ‘Nederland circulair in 2050’ met als einddoel een volledig circulaire economie in 2050 (Kamerstukken II 2015/16, 32852, nr. 33). De bouw is hierbij als een van de vijf prioriteiten genoemd;

  • verbetering van de kwaliteit van werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties teneinde het aantal koolmonoxideongevallen te reduceren.

Met het oog op de doelen binnen dit beleidsartikel is de inzet van burgers, instellingen, bedrijven en de gehele overheid noodzakelijk. In het kader van het Klimaatakkoord wordt met partijen gesproken over de noodzakelijke acties en te nemen maatregelen. Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen zijn gestart met het Interbestuurlijke Programma (IBP) van 2018 en een gezamenlijke agenda. Het belangrijkste doel van het IBP is een optimale samenwerking tussen de overheden, zodat er rond belangrijke maatschappelijke opgaven een meer gezamenlijke aanpak tot stand komt. De minister heeft hierbij een stimulerende en regisserende rol.

Stimuleren

Op basis van artikel 120 van de Woningwet (Wonw), hoofdstuk 4 van de Wet milieubeheer (Wm) en de Kadasterwet is de Minister van BZK verantwoordelijk voor het stimuleren van energiebesparing en reductie van CO2-uitstoot in de gebouwde omgeving. De Minister van BZK geeft invulling aan deze verantwoordelijkheid door kaderstelling (wet- en regelgeving), het uitvoeren van de acties van het Energieakkoord en het Klimaatakkoord waar het Rijk verantwoordelijk voor is, ondersteuning van innovatie (onder andere door middel van subsidies) en monitoring. De Minister van BZK stimuleert energietransitie in de gebouwde omgeving met verschillende (subsidie)instrumenten, afspraken en ondersteuningsmaatregelen.

Regisseren

Op basis van de artikel 2 van de Wonw is de Minister van BZK verantwoordelijk voor het opstellen en het beheer van de bouwregelgeving en stelselverantwoordelijk voor het borgen van de bouwkwaliteit. Op grond van deze verantwoordelijkheid worden in ieder geval regels gesteld over het bouwen van nieuwe bouwwerken, de staat van bestaande bouwwerken en het gebruiken en slopen van bouwwerken. Deze regels worden gesteld vanuit het oogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid of milieu. Door naleving van deze regels is de minimumkwaliteit van bouwwerken gewaarborgd. Toezicht en handhaving hierop berust bij gemeenten.

Het beleid ten aanzien van de gebouwde omgeving staat de komende jaren vooral in het licht van de in Parijs afgesproken doelstellingen in 2050 van de reductie van CO2(-emissies) in de gebouwde omgeving. Daarvoor wordt zowel nationaal als Europees beleid geïmplementeerd.

Uitvoering Klimaatakkoord gebouwde omgeving

Het jaar 2022 staat in het teken van de verdere uitvoering van het brede pakket aan maatregelen dat is afgesproken in het Klimaatakkoord in 2019 ter ondersteuning van woning- en gebouweigenaren, huurders, verhuurders en gemeenten:

  • In 2021 hebben gemeenten de transitievisies warmte vastgesteld. In 2022 gaan gemeenten – conform de afspraken in het Klimaatakkoord - aan de slag met het concretiseren van de transitievisies warmte in uitvoeringsplannen per wijk of buurt, met betrokkenheid van bewoners en stakeholders (Kamerstukken II 2019/20, 32813, nr. 437). Het uitvoeringsplan beschrijft voor één of meerdere buurten of wijken op welk duurzaam alternatief deze buurt(en) of wijk(en) overgaan en per wanneer, en welke maatregelen nodig zijn om tot de gewenste situatie te komen. Bij het opstellen van de uitvoeringsplannen wordt de gemeente ondersteund door het Expertise Centrum Warmte (ECW) en door het Kennis- en Leerprogramma (KLP) van het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW).

  • Om opschaling bij verduurzaming van woningen te bevorderen met het oog op kostenreductie, is de Renovatieversneller opgezet in 2020. De Renovatieversneller bestaat uit een zesjarig ondersteuningsprogramma (€ 30 mln.) en een vierjarige subsidieregeling (€ 100 mln.). Omdat bij de eerste tender in 2020/2021 bleek dat geen van de inschrijvingen voldeed, wordt de regeling aangepast en de aansturing van het ondersteuningsprogramma verbeterd. Een aangepaste regeling zal in 2022 worden opengesteld en uitbetaling is in 2022 (en verder) voorzien.

  • De Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) is bedoeld voor de versnelling en opschaling van de aansluiting van huurwoningen op warmtenetten. Vanaf 1 oktober 2021 kunnen ook gemengde VvE’s een aanvraag indienen, zodat subsidiëring van warmtenetaansluitingen ook voor deze groep beschikbaar, vindbaar en gelijkwaardig (aan verhuurders) is. Voor corporaties en particuliere verhuurders worden warmtenet projecten beter gestimuleerd, omdat ook de elektrische kookvoorziening subsidiabel is en indieners meer vrijheid hebben om activiteiten (zoals de installatie van een individuele afleverset) zelf op te pakken in plaats van het warmtebedrijf dit te laten doen (Staatscourant 2021, 35905).

  • Per 1 juli 2021 zijn de huren in de gereguleerde sector bevroren om huurders door de coronacrisis heen te helpen. Daarom wordt voorzien in een tegemoetkoming voor verhuurders. Voor verhuurders met meer dan vijftig eenheden zal de tegemoetkoming via een tariefsverlaging van de verhuurderheffing worden vormgegeven. Voor kleinere verhuurders in de gereguleerde sector is het uitgangspunt dat zij worden ondersteund in hun uitgaven voor verduurzaming en onderhoud enerzijds en de nieuwbouwopgave anderzijds. Voor beide doelen wordt een subsidieregeling opgezet (Kamerstukken II 2020/21, 27926, nr. 338). Het Ministerie van BZK werkt aan de subsidieregeling voor verduurzaming en onderhoud, waarvoor structureel € 40 mln. per jaar beschikbaar is. Het streven is om deze regeling per 1 januari 2022 in werking te laten treden.

  • Het Nationaal Warmtefonds biedt met budget van het Rijk en private geldverstrekkers langjarige financiering tegen aantrekkelijke voorwaarden aan voor alle woningeigenaren en voor Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) die hun woningen verduurzamen. Het Warmtefonds biedt sinds de zomer van 2021 ook de Energiebespaarhypotheek aan voor woningeigenaren zonder leenruimte (Kamerstukken II 2020/2021, 32813, nr. 667). Deze Energiebespaarhypotheek is een speciaal voor deze doelgroep ontwikkeld maatwerkproduct en is beschikbaar in wijkaanpakken van gemeenten en aanpakken van corporaties met ‘gespikkeld bezit’ (koop en huur door elkaar).

  • VvE’s kunnen nog tot 1 januari 2023 subsidie aanvragen voor isolatiemaatregelen en energieadvies via de Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH, Kamerstukken II 2020/2021, 32813, nr. 667). Per 1 januari 2022 kunnen VvE’s via de SEEH-regeling ook subsidie krijgen voor een advies voor de realisatie van laadinfrastructuur.

Programma aardgasvrije wijken (PAW)

Inmiddels zijn 46 proeftuinen geselecteerd waarin wordt geleerd hoe de wijkgerichte aanpak moet worden ingericht en opgeschaald. In 2021/2022 is een derde en laatste ronde proeftuinen voorzien. Met een uitgebreide monitoring volgt het programma de voortgang van de proeftuinen en haalt zo de lessen en knelpunten op. Jaarlijks wordt gerapporteerd aan de Tweede Kamer over de voortgang. In 2020 is het PAW tussentijds geëvalueerd (Kamerstukken II 2020/21, 32847, nr. 684), in 2022 volgt een uitgebreide evaluatie van het programma.

Ontzorging van gebouweigenaren

In het Klimaatakkoord zijn verschillende maatregelen opgenomen gericht op ontzorging. Daartoe wordt in 2022 een landelijk digitaal platform gelanceerd waar gebouweigenaren onafhankelijke informatie kunnen vinden over verduurzamingsmaatregelen, besparingseffecten, subsidie- en financieringsmogelijkheden en duurzame aanbieders en financiers kunnen vinden. Daarnaast wordt onderzocht hoe ontzorgende concepten verder doorontwikkeld en opgeschaald kunnen worden. In de markt wordt onder andere bezien of er een gedragscode kan komen voor aanbieders van integrale maatregelenpakketten en ontzorgende concepten om op het landelijk digitaal platform aan te bieden.

Verduurzamen utiliteitsbouw commercieel en maatschappelijk vastgoed

Zoals afgesproken in het Klimaatakkoord, komt er een eindnorm waaraan alle bestaande utiliteitsbouw in 2050 zal moeten voldoen. Streven is om deze norm eind 2021 bekend te maken, zodat gebouweigenaren ruim de tijd hebben om op een natuurlijk moment hun gebouw naar die norm te brengen. In 2022 wordt voor het eerst gerapporteerd over de voortgang van de routekaarten Maatschappelijk Vastgoed. Grote gebouweigenaren binnen het maatschappelijk én commercieel vastgoed worden gestimuleerd om portefeuilleroutekaarten op te stellen, waarin de verduurzamingsstrategie en –aanpak worden vastgelegd en geïntegreerd in hun meerjarenonderhoudsplanningen. Een andere afspraak uit het Klimaatakkoord is de harmonisatie van wet- en regelgeving op het gebied van energiebesparing voor de utiliteitsbouw. In 2022 wordt intensief samengewerkt met het Ministerie van EZK om de maatregelenlijsten in het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving goed op elkaar aan te laten sluiten.

De subsidie ondersteuning verduurzaming MKB gaat naar verwachting in het najaar 2021 van start en loopt door tot eind 2022. De regeling wordt onder verantwoordelijkheid van Ministerie van EZK uitgevoerd.

Circulair bouwen

Het Ministerie van BZK bevordert de toepassing van circulair bouwen als onderdeel van het Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie 2019-2023. Het Ministerie van BZK continueert in 2022 de uitvoering hiervan in samenwerking met partijen in de bouw en andere overheden voor het bereiken van de doelen van het programma Nederland circulair in 2050 (Kamerstukken II 2015/16, 32852, nr. 33). In 2022 worden wijzigingen geïmplementeerd voor de milieuprestatie van bouwwerken ten behoeve van enerzijds de implementatie van wijzigingen in de Europese norm (EN15804) en anderzijds de waardering van milieueffecten van de CO2-opslag van biobased materialen (Kamerstukken II 2019/20, 32852, nr. 94 en Aanhangsel van de Handelingen, 2020/21, nr. 1528).

Bouwregelgeving

Met inwerkingtreding van het stelsel van de Omgevingswet in 2022 zal het Bouwbesluit 2012 ingetrokken en opgevolgd worden door het Besluit bouwwerken leefomgeving. In 2022 en verder wordt gewerkt aan nieuwe wijzigingen van het Besluit bouwwerken leefomgeving en de implementatie daarvan, die nodig zijn in het kader van het actueel houden van de regelgeving, maatschappelijke en politieke ontwikkelingen en implementatie van Europese regelgeving. Daarbij kan gedacht worden aan de uitwerking van onderdelen van het Klimaatakkoord, onderdeel gebouwde omgeving, en diverse onderwerpen betreffende de brandveiligheid van gebouwen.

Stelsel certificeringwerkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties

Per 1 oktober 2020 is het wettelijk stelsel certificering werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties in werking getreden. Dit stelsel betreft werkzaamheden aan gasverbrandingsinstallaties, zoals plaatsing, onderhoud en reparatie van cv-ketels, geisers en haarden inclusief de benodigde rookgasafvoer en luchttoevoer. Deze werkzaamheden mogen vanaf 1 april 2022 alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die daarvoor gecertificeerd zijn (Stb. 2020, 354).

Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen

In 2022 wordt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (WKB) stapsgewijs ingevoerd (Kamerstukken II 2020/21, 32757, nr. 178). Het doel van de wet is het verbeteren van de bouwkwaliteit en het versterken van de positie van de bouwconsument. In het kader daarvan is in 2020 gestart met de oprichting van de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB). Naar verwachting gaat de nieuwe ZBO TIoKB in het najaar 2021 van start. Deze organisatie heeft vooral een toezichthoudende functie. Tot aan inwerkingtreding van de Wkb kunnen alle betrokken partijen door middel van proefprojecten ervaring opdoen, zodat zij goed voorbereid zijn op het nieuwe stelsel.

Tabel 15 Budgettaire gevolgen van beleid art. 4 Energietransitie gebouwde omgeving en bouwkwaliteit (bedragen x € 1.000)
 

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Verplichtingen

390.509

529.830

455.293

293.175

204.025

212.590

141.106

        

Uitgaven

508.200

603.437

445.486

262.755

217.138

235.050

179.106

        

4.1 Energietransitie en duurzaamheid

493.364

587.161

434.666

256.348

211.073

229.183

173.823

Subsidies (regelingen)

       

Energiebesparing Koopsector

51.490

92.900

12.790

5.410

3.400

800

1.500

Energiebesparing Huursector

101.656

35.800

18.951

0

0

0

0

Energietransitie en duurzaamheid

13.046

10.029

30.475

4.875

4.252

1.452

3.852

Renovatieversneller

0

0

9.000

18.750

29.750

39.750

0

SAH

28.796

21.000

26.000

32.500

20.000

28.000

38.000

Warmtefonds

67.000

27.400

114.200

97.400

74.000

77.000

77.000

Subsidie verduurzaming en onderhoud huurwoningen

0

0

40.000

40.000

40.000

40.000

0

Kennis- en innovatieprogramma bouwproductie stikstof

0

1.500

5.500

3.000

0

0

0

Opdrachten

       

Energietransitie en duurzaamheid

2.655

2.886

3.267

3.400

3.900

2.700

3.200

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

       

Energietransitie en duurzaamheid

4.567

4.034

1.007

0

0

0

0

Bijdrage aan medeoverheden

       

Programma reductie energieverbruik

102.962

94.974

0

0

0

0

0

Aardgasvrije wijken

77.631

54.678

0

0

0

0

0

Ontzorging maatschappelijk vastgoed

8.000

15.317

0

0

0

0

0

Ventilatie in scholen

0

183.553

14.500

0

0

0

0

Bijdrage aan agentschappen

       

ILT(handhaving energielabel)

0

0

528

527

523

523

523

RVO.nl (uitvoering Energieakkoord)

0

11.677

15.828

11.740

7.765

11.876

6.626

Dienst Publiek en Communicatie

630

807

0

0

0

0

0

Diverse Agentschappen

1.500

0

0

0

0

0

0

RVO.nl (energiestransitie en duurzaamheid)

33.431

27.326

14.817

12.024

6.700

6.823

6.823

RVB

0

0

5.000

6.250

7.500

7.500

6.250

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

       

EGO

0

780

9.052

11.047

13.133

12.609

28.299

Gemeentefonds (H50)

0

0

105.000

0

0

0

0

Handhaving energielabel C

0

0

251

425

150

150

1.750

Kennis- en innovatieprogramma bouwproductie stikstof

0

2.500

8.500

9.000

0

0

0

        

4.2 Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

14.836

16.276

10.820

6.407

6.065

5.867

5.283

Subsidies (regelingen)

       

Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

13.690

14.366

8.565

4.289

2.935

2.737

2.153

Opdrachten

       

Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

1.090

1.720

2.200

2.063

3.075

3.075

3.075

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

       

Overige bijdragen

6

0

0

0

0

0

0

Bijdrage aan medeoverheden

       

Diverse bijdragen bouwregelgeving

50

0

0

0

0

0

0

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

       

Diverse bijdragen

0

190

55

55

55

55

55

        

Ontvangsten

163

91

91

91

91

91

91

Budgetflexibiliteit

Van het totale uitgavenbudget op artikel 4 is 96,9% juridisch verplicht en dit kent de volgende onderverdeling:

Subsidies

Het subsidiebudget is voor 97,4% juridisch verplicht. De subsidies zijn in het kader van de energietransitie en duurzaamheid voor onder andere energiebesparing in de koopsector (SEEH), energiebesparing in de huursector (STEP) en de stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH).

Opdrachten

Het opdrachtenbudget is voor 80,3% juridisch verplicht. Ter uitvoering van de afspraken voor energietransitie in de gebouwde omgeving uit het Energieakkoord en Klimaatakkoord worden in 2022 diverse onderzoeksopdrachten uitgevoerd.

Bijdragen aan ZBO’s/RWT’s

Het budget voor bijdragen aan ZBO’s/RWT’s is voor 100% juridisch verplicht. Het betreft een bijdrage aan de Unie van Waterschappen ten behoeve van het Nationaal Programma voor de Regionale Energiestrategieën (NP RES). Daarnaast ontvangt de toelatingsorganisatie in de bouw een bijdrage in het kader van de voorbereiding van het nieuwe stelsel voor de wet kwaliteitsborging voor het bouwen.

De toelatingsorganisatie ontvangt een bijdrage voor een drietal wettelijke taken in het kader van de wet kwaliteitsborging voor het bouwen zodat de bouwwerken voldoen aan bouwtechnische voorschriften. De Toelatingsorganisatie laat instrumenten voor kwaliteitsborging toe tot het stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen en houdt een openbaar register bij met toegelaten instrumenten. Daarnaast houdt de Toelatingsorganisatie toezicht op de instrumentaanbieders en op de toepassing van de instrumenten.

Bijdragen aan agentschappen

Het budget voor bijdragen aan agentschappen is voor 83,7% juridisch verplicht. Het betreft een bijdrage aan de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) voor de handhaving van het energielabel. Daarnaast betreft het een bijdrage aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). voor de uitvoering van het energieakkoord en de energietransitie.

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

Het budget voor bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken is 100% juridisch verplicht. Het betreft bijdragen voor de regionale energiestrategie (RES), grootschalige proeftuinen (100 wijken aanpak) en de inzet voor het innovatieprogramma CO2-neutrale gebouwde omgeving.

4.1 Energietransitie en duurzaamheid

Subsidies

Energiebesparing Koopsector

Om de komende jaren ondersteuning te bieden aan woningeigenaren van VvE’s die hun woning verduurzamen wordt de SEEH-regeling voor VvE’s voortgezet (Kamerstukken II 2020/21, 32813, nr. 667). Hiervoor is aanvullende budget beschikbaar gesteld voor de jaren 2022 tot en met 2026. De subsidie kan worden aangevraagd tot 1 januari 2023. De subsidie energiebesparing eigen huis (SEEH) voor koopwoningen wordt met ingang van 2021 voorgezet in de Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE) van het Ministerie van EZK.

Energiebesparing Huursector

In 2022 betaalt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl) in opdracht van het Ministerie van BZK nog subsidie voor de afhandeling van eerder verleende subsidies van de Stimuleringsregeling energieprestatie huursector (STEP) voor investeringen van verhuurders in energiebesparende maatregelen. De subsidies worden twee jaar na verlening vastgesteld en uitbetaald.

Energietransitie en duurzaamheid

In het kader van de afspraken voor energietransitie in de gebouwde omgeving uit Klimaatakkoord verstrekt het Ministerie van BZK in 2022 subsidies aan enkele partijen, waaronder de voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal (klantcontact en informatievoorziening over het energielabel voor woningen en andere gebouwen). Om de RES-aanpak in 2022 voort te zetten zijn er middelen beschikbaar voor de uitvoeringskosten decentrale overheden. Daarnaast wordt ook subsidie beschikbaar gesteld voor het Warmtefonds in het kader van ontzorging.

Renovatieversneller

Voor de renovatieversneller zijn in het klimaatakkoord subsidiemiddelen beschikbaar gesteld om opschaling bij verduurzaming van woningen te bevorderen met het oog op kostenreductie. Het ondersteuningsprogramma en de uitvoering loopt vanaf 2020. Voor de subsidieverlening vanaf 2022 zijn budgetten beschikbaar van € 9 mln. in 2022 en oplopend naar € 45 mln. in 2025.

SAH

Ter ondersteuning van de Startmotor verleent de Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH) vanaf 2020 subsidies aan zowel sociale als particuliere verhuurders voor het aardgasvrij maken van woningen. Met ingang van 2021 is ook de regeling opengesteld voor gemengde VvE’s zodat ook deze groep in aanmerking komen voor subsidiëring van warmtenetaansluitingen. In 2022 is € 26 mln. beschikbaar. Uitbetaling van de subsidie loopt naar verwachting tot en met 2028.

Warmtefonds

In 2022 is € 114,2 mln. beschikbaar voor het Warmtefonds dat tegen aantrekkelijke voorwaarden financiering verstrekt aan woningeigenaren en VvE’s die hun woning verduurzamen. Er is meerjarig geld beschikbaar voor het Warmtefonds tot en met 2030.

Subsidie verduurzaming en onderhoud huurwoningen

Om kleinere particuliere verhuurders gedeeltelijk tegemoet te komen voor de huurbevriezing (Motie Beckerman c.s., Kamerstukken II 2020/21, 35488, nr. 13) wordt een subsidieregeling opgezet als tegemoetkoming voor uitgaven die verhuurders doen in het kader van onderhoud en verduurzaming. De subsidieregeling wordt in beginsel voor vier jaar opengesteld en daarna geëvalueerd.

Kennis- en innovatieprogramma bouwproductie stikstof

Met het kennis en innovatieprogramma wordt een bijdrage geleverd aan de kennis en ontwikkeling van emissiearme bouwconcepten en bouwlogistiek, zodat dit emissiereductiemaatregelen worden die effectief kunnen worden opgeschaald. Dit programma bestaat uit drie lijnen, waarvan twee onder de beleidsverantwoordelijkheid van het Ministerie van BZK vallen en één onder de beleidsverantwoordelijkheid van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat valt. Met deze subsidie wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van een afsprakenstelsel voor digitalisering van het bouwproces en de bouwlogistieke stromen gericht op stikstofreductie.

Opdrachten

Energietransitie en duurzaamheid

Ter uitvoering van de afspraken voor energietransitie in de gebouwde omgeving verstrekt het Ministerie van BZK ook in 2022 diverse onderzoeksopdrachten, waaronder voor het energielabel. Daarnaast worden gemeenten ondersteund in het oppakken en uitvoeren van hun regierol in de transitie naar een aardgasvrije gebouwde omgeving door het Kennis- en Leerprogramma (KLP).

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

Energietransitie en duurzaamheid

De Unie van Waterschappen ontvangt een bijdrage voor de programma-organisatie van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategieën (NP RES) om de RES-regio’s te ondersteunen, en de verbinding te vormen tussen nationaal, regionaal en lokaal. Het NP RES vervult hierbij verschillende rollen zoals het ondersteunen van de regio’s, kennis ontwikkelen, voortgang van de regio’s bewaken en samenwerkingspartners verbinden.

Bijdrage aan medeoverheden

Ventilatie in scholen

Naar aanleiding van de motie van de Tweede Kamerleden Westerveld en Kuiken van 14 juli 2021 (Kamerstukken II 2020/21, 25295, nr. 1368), waarin de regering wordt verzocht urgentie te betrachten in het oplossen van ventilatieproblemen bij scholen en deze zomer hierop al inzet te plegen, wordt in totaal € 100 mln. extra in 2021 en 2022 beschikbaar gesteld voor ventilatie in schoolgebouwen. Met de middelen worden alle tot 1 juli 2021 ingediende aanvragen voor de Specifieke uitkering ventilatie in scholen (SUVIS) gehonoreerd en kan er aanvullend een tweede tijdvak worden opengesteld.

Bijdrage aan agentschappen

ILT (handhaving energielabel)

In 2022 voert de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) werkzaamheden op het gebied van de handhaving van de naleving van de verplichtingen met betrekking tot het energielabel in het kader van de Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen (EPBD III)

RVO.nl (uitvoering Energieakkoord)

Het betreft de uitgaven voor beheer, onderhoud en verbetering van het energielabelsysteem voor woningen en andere gebouwen op basis van de Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen.

Daarnaast betreft het middelen voor de uitvoering van het Kennis en Innovatieplatform Maatschappelijk Vastgoed, de Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen, de Specifieke uitkering ventilatie in scholen (SUVIS) en de uitvoering van het ondersteuningsprogramma de Renovatieversneller.

RVO.nl (energietransitie en duurzaamheid)

Deze middelen zijn bestemd voor het jaarprogramma 2022 dat RVO.nl in opdracht van het Ministerie van BZK uitvoert voornamelijk op het gebied van energietransitie in de gebouwde omgeving. Het programma behelst kennisverspreiding, beleidsonderbouwing en uitvoering van subsidieregelingen. Daarnaast betreft dit ook de bijdrage voor de RVO.nl voor de uitvoering van diverse regelingen (waaronder het volkshuisvestingsfonds). Deze uitgaven worden hier verantwoord vanwege gecentraliseerd opdrachtgeverschap.

RVB

In het kader van het stikstofbeleid wordt een budget gereserveerd om aanbestedende rijksdiensten in staat te stellen om structureel uitstoot-verminderende criteria te stellen bij aanbestedingen. Dit betreft de middelen die het Ministerie van BZK inzet voor de opdracht aan het Rijksvastgoedbedrijf (RVB).

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

EGO

In het kader van de Integrale Kennis en Innovatieagenda van het Klimaatakkoord en van het topsectorenbeleid is de missie vastgesteld en geïnstrumenteerd om te komen tot een CO2-vrije gebouwde omgeving in 2050. Dit gebeurt via een aantal innovatieprogramma’s als de Meerjarig Missiegedreven Innovatieprogramma (MMIP) en de Demonstratie Energie- en Klimaatinnovatie (DEI). Binnen de programma’s ondersteunt het Rijk R&D-investeringen van grootschalige samenwerkingsverbanden tussen marktpartijen en kennisinstellingen. Deze ondersteuning krijgt vorm via de MOOI-regeling (Missiegedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie) Daarnaast wordt geïnvesteerd in kennisopbouw en uitwisseling rondom maatschappelijk vastgoed, via het kennis- en innovatieplatform maatschappelijk vastgoed.

Gemeentefonds (H50)

Dit betreft uitvoeringskosten van decentrale overheden voor de lokale energietransitie. Het gaat onder andere om kosten voor uitrol van laadpalen, energieloketten, opstellen van Transitievisie Warmte en uitvoeringsplannen Wijkgerichte aanpak. Daarnaast betreft het de voortzetting van het PAW om te leren op welke manier de wijkgerichte aanpak kan worden ingericht en opgeschaald. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van grootschalige proeftuinen (100 wijken aanpak) en een bijbehorend Kennis- en Leerprogramma (KLP).

Handhaving energielabel C

In het Bouwbesluit is vastgelegd dat per 1 januari 2023 een kantoor energielabel C of beter moet hebben om nog als kantoor gebruikt te mogen worden. Het bevoegd gezag is de gemeente en die gaan hierop handhaven. In aanloop naar 2023 vindt er voorlichting plaats en gaan gemeenten kantooreigenaren aanschrijven en wijzen op de label C-plicht.

Kennis- en innovatieprogramma bouwproductie stikstof

Met het kennis en innovatieprogramma wordt een bijdrage geleverd aan de kennis en ontwikkeling van emissiearme bouwconcepten en bouwlogistiek, zodat dit emissiereductiemaatregelen worden die effectief kunnen worden opgeschaald. Dit programma bestaat uit drie lijnen, waarvan twee onder de beleidsverantwoordelijkheid van het Ministerie van BZK vallen en één onder de beleidsverantwoordelijkheid van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat valt. Via kennisontwikkeling en innovaties worden toepassing van lichtere bouwmaterialen, meer off-site-productie (prefab) en efficiëntere bouwprocessen gestimuleerd. Dit wordt uitgevoerd door TNO. Hiervoor zullen de middelen worden overgeheveld naar de begroting van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK).

4.2 Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

Subsidies (regeling)

Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

In 2022 verstrekt het Ministerie van BZK diverse subsidies in het kader van onderzoek naar mogelijke aanpassingen in de bouwregelgeving en overige onderwerpen die betrekking hebben op de veiligheid, toegankelijkheid, duurzaamheid en gezondheid van gebouwen en het versterken van de positie van de bouwconsument.

Opdrachten

Bouwregelgeving en bouwkwaliteit

Het Ministerie van BZK verstrekt ten behoeve van een goed functionerend stelsel van bouwregelgeving ook in 2022 opdrachten voor werkzaamheden van het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN), de Helpdesk bouwregelgeving en de Adviescommissie toepassing en gelijkwaardigheid bouwvoorschriften. Vanuit de kerntaak «het wettelijk waarborgen van een maatschappelijk noodzakelijk minimum kwaliteitsniveau van bouwwerken» worden waar nodig wijzigingen in het Besluit bouwwerken leefomgeving aangebracht.

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

Diverse bijdragen

De ILT voert toezicht en handhaving uit op de naleving van de Europese Verordening bouwproducten.

Ontvangsten

Dit betreft ontvangsten uit afrekeningen van eerder verstrekte subsidies door RVO.nl en uit boetes wegens het niet nakomen van verplichtingen met betrekking tot het verstrekken van het energielabel bij verkoop en verhuur van gebouwen.

Licence