Base description which applies to whole site

4.6 Artikel 36: Contraterrorisme en Nationaal Veiligheidsbeleid

Deze grafiek geeft in een cirkel aan wat het aandeel is van de uitgaven op artikel 36 Contraterrorisme en nationaal veiligheidsbeleid in relatie tot de totale uitgaven (2,2%). Naast de cirkel is een staaf opgenomen met de verhouding van de uitgaven over de artikelonderdelen binnen dit artikel. In de tekst naast het artikel staan de overige uitgaven en de uitgaven op de artikelonderdelen in miljoenen euro´s Overig Justitie en Veiligheid: 17834 mln. Nationale Veiligheid en terrorismebestrijding: 381 mln. Onderzoeksraad voor Veiligheid: 17 mln.

Bijdragen aan een veilig en stabiel Nederland door het voorkomen en beperken van maatschappelijke ontwrichting door dreigingen te onderkennen, de weerbaarheid van burgers, bedrijfsleven en overheidsorganen te verhogen en de bescherming van vitale belangen te versterken.

De Minister heeft een regisserende rol op het gebied van nationale veiligheid en crisisbeheersing, terrorismebestrijding en cybersecurity.26 De Minister coördineert de totstandkoming van de rijksbrede analyse op het gebied van nationale veiligheid en de strategische aanpak die daarop volgt. Bij Koninklijk Besluit is vastgelegd dat de Minister van Justitie en Veiligheid doorzettingsmacht heeft wanneer het gaat om het voorkomen van terroristische misdrijven. 27

De Minister is stelselverantwoordelijk voor de brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing. De Minister verstrekt aan de veiligheidsregio’s een bijdrage, de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding, voor hun taken op dat gebied. Ook verstrekt de Minister een bijdrage aan het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) om de veiligheidsregio’s bij hun taakuitvoering te ondersteunen.

Op basis van onder andere de Politiewet heeft de Minister de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de leden van het Koninklijk Huis en is daarmee verantwoordelijk voor een adequate en proportionele uitvoering van de beveiliging rondom de leden van het Koninklijk Huis en hun woon- en werkverblijven. De Minister van Justitie en Veiligheid en de Minister van Defensie zorgen voor de uitvoering daarvan in personele zin. Deze ministers hebben middelen voor deze beveiligingstaken op de begroting staan, ongeacht of deze uitgaven voor beveiliging betrekking hebben op leden van het kabinet, van de Kamers der Staten-Generaal of het Koninklijk Huis. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties zorgt voor een adequate uitvoering van fysieke beveiliging van woon- en werkverblijven. Vanwege veiligheidsrisico’s worden deze uitgaven niet nader toegerekend, omdat daar informatie over de beveiliging aan zou kunnen worden ontleend naar de te beveiligen objecten en personen.

De maatschappelijke effecten van het beleid ter bescherming van de nationale veiligheid (onder andere crisis- en cybersecuritybeleid en terrorismebestrijding) laten zich door het grote aantal activiteiten en instrumenten, de afhankelijkheid van derden bij de realisatie van de doelstellingen en met name de onvoorspelbaarheid van gebeurtenissen die de nationale veiligheid bedreigen, niet (altijd) in prestatie-indicatoren of kengetallen uitdrukken. Kwalitatieve indicatoren zijn te vinden in de voortgangsrapportages met betrekking tot contraterrorisme en -extremisme, cybersecurity en nationale veiligheid die aan de Tweede Kamer worden aangeboden28.

Met onderstaande activiteiten is verder gewerkt aan het behalen van de algemene doelstelling bij te dragen aan een veilig en stabiel Nederland door het voorkomen en beperken van maatschappelijke ontwrichting door dreigingen te onderkennen, de weerbaarheid van burgers, bedrijfsleven en overheidsorganen te verhogen en de bescherming van vitale belangen te versterken.

VRC (Veiligheids Regio's Crisis beheersing)

Programma Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg.

In het kabinetsstandpunt evaluatie Wet veiligheidsregio's (Kabinetsstandpunt d.d. 3 februari 2021, rapport evaluatiecommissie december 2020) heeft het kabinet aangekondigd een toekomstbestendig, samenhangend stelsel voor de crisisbeheersing en brandweerzorg te realiseren.

De opvolging hiervan is geland in het Programma Versterking Crisisbeheersing en Brandweerzorg. In dit programma is samengewerkt met publieke, maatschappelijke en private partners aan een contourennota, welke d.d. 6 december 2022 aan de Tweede Kamer is aangeboden29 .

Deze contourennota schetst op de hoofdlijnen de versterking van crisisbeheersing en brandweerzorg in Nederland, waarbij de nadruk ligt op het versterken van het stelsel bij bovenregionale en (inter-)nationale crises.

De plannen en ambities genoemd in de contourennota zijn omvangrijk en vragen trajecten die uiteenlopend zullen zijn in aard, omvang en tijdspanne. Een wetswijziging is hier onderdeel van. Deze is gericht op voorstellen, waarvoor aanpassing wet- en regelgeving noodzakelijk is, t.b.v. vernieuwd wettelijk kader als grondslag landelijk stelsel crisisbeheersing, brandweerzorg, GHOR/geneeskundige hulpverlening en bevolkingszorg.

Eén landelijk dekkend stelsel voor de crisisbeheersing en brandweerzorg

In de contourennota wordt ook aangekondigd dat het kabinet waardevolle lessen en inzichten uit recente cyberincidenten, oefeningen zoals ISIDOOR, specifieke crisisevaluaties, zoals het eerste deel van het onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid naar de coronacrisis, en wetenschappelijke studies en rapporten, waar mogelijk borgt in het vernieuwd wettelijk kader.

De eerste stappen in het kader van de versterking van de verbinding en samenhang tussen de nationale en regionale crisisstructuur zijn gezet met een vernieuwd Instellingsbesluit Ministeriële Commissie Crisisbeheersing 2022 en het Nationaal Handboek Crisisbeheersing.

Met de gelijktijdige toezending aan de Kamer eind 2022 van de Contourennota crisisbeheersing en brandweerzorg is een verdere, belangrijke stap gezet om te komen tot één landelijk dekkend stelsel voor de crisisbeheersing en brandweerzorg. De uitvoering van deze contourennota alsook de uitvoering van de ambities op het terrein van de crisisbeheersing uit de Rijksbrede Veiligheidsstrategie die in Q1 2023 naar de Kamer gaat, zullen de inhoudelijke basis vormen voor de meerjarige gezamenlijke landelijke agenda Crisisbeheersing die in 2023 opgeleverd wordt.

Ook in de toekomst blijft vrijwilligheid een belangrijke pijler bij de brandweer. Om vrijwilligheid te kunnen behouden is er een aanvullend onderzoek verschenen dat ook is gedeeld met de Kamer30.

In 2022 zijn bij de uitwerking van het implementatieplan voor het afschaffen van kazernering en consignering van brandweervrijwilligers nieuwe juridische vragen opgekomen. In 2022 is er een begin gemaakt om deze juridische vragen te beantwoorden. Samen met het ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid en de veiligheidsregio’s wordt er gewerkt aan een zo goed mogelijke oplossing.

Tabel 28 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 36 (bedragen x € 1.000)
  

Realisatie 2018

Realisatie 2019

Realisatie 2020

Realisatie 2021

Realisatie 2022

Vastgestelde Begroting 20221

Verschil

Art.nr.

Verplichtingen

274.794

246.699

349.738

444.240

448.939

525.752

‒ 76.813

         
 

Programma-uitgaven

273.373

256.921

337.348

412.629

398.568

525.752

‒ 127.184

36.2

Nationale Veiligheid en terrorismebestrijding

       
 

Bijdrage Agentschappen

       
 

Overige bijdragen agentschappen

39

110

149

3.688

2.085

338

1.747

 

Bijdrage ZBO/RWT's

       
 

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV)

32.311

30.361

102.764

62.542

35.067

32.266

2.801

 

Bijdrage medeoverheden

       
 

Brede Doeluitkering Rampenbestrijding

196.042

184.037

172.469

176.495

182.673

176.453

6.220

 

COVID-19

0

0

0

78.248

41.871

34.000

7.871

 

Overige Bijdrage medeoverheden

3.466

5.549

10.816

10.900

14.757

40.865

‒ 26.108

 

Subsidies

       
 

Nederlands Rode Kruis

1.240

1.200

1.200

1.272

1.458

1.361

97

 

Nationaal Veiligheids Instituut

1.021

981

1.561

1.746

760

1.307

‒ 547

 

Overige Subsidies

5.149

3.657

4.640

4.958

5.029

2.610

2.419

 

Opdrachten

       
 

Project NL-Alert

4.336

4.254

3.630

3.148

4.182

5.017

‒ 835

 

NCSC

6.534

5.724

10.504

9.102

7.513

8.922

‒ 1.409

 

COVID-19

0

0

4.920

31.617

6.991

1.000

5.991

 

Regeling tegemoetkoming schade 2021

0

0

0

6.697

72.069

200.000

‒ 127.931

 

Overige Opdrachten

10.600

7.302

8.650

6.622

6.652

8.131

‒ 1.479

         

36.3

Onderzoeksraad voor Veiligheid

       
 

Bijdrage ZBO/RWT's

       
 

Onderzoeksraad voor Veiligheid

12.635

13.746

16.045

15.594

17.461

13.482

3.979

         
 

Ontvangsten

589

568

640

33.161

6.933

2.000

4.933

1

de stand zoals gepresenteerd onder de stand vastgestelde begroting wijkt af van de stand vastgestelde begroting bij de eerste suppletoire begroting, tweede suppletoire begroting, incidentele suppletoire begroting(en) en de slotwet. De reden hiervoor is dat in het jaarverslag de ISB(s) die zijn ingediend tussen de vaststelling van de ontwerpbegroting en de vaststelling van de eerste suppletoire begroting zijn opgeteld bij realisatie.

Verplichtingen

Het verschil tussen de begroting en de realisatie wordt voor € 127 mln. (neerwaardse bijstelling) toegelicht bij de uitgaven-instrumenten. Het overige verschil wordt veroorzaakt door de extra verplichtingenmutatie bij de BDUR (+ € 42 mln.) de regeling tegemoekoming schade 2021 (+ € 19 mln.) en de extra opdrachten NCSC (€ +8 mln.).

Uitgaven

36.2 Nationale Veiligheid en terrorismebestrijding

Bijdrage Agentschappen

Overige bijdragen agentschappen

Dit betreft de kosten van het Rijksopleidingsinstituut tegengaan Radicalisering (ROR). Het ROR ondersteunt gemeenten bij de lokale aanpak in het tegengaan van radicalisering en extremisme door onder andere het trainen van professionals. Het benodigde budget is bij de tweede suppletoire begroting overgeboekt van het instrument Bijdrage medeoverheden.

Bijdragen aan medeoverheden

Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR)

De BDuR is een lumpsumbijdrage die wordt verstrekt aan de 25 veiligheidsregio’s voor de uitvoering van wettelijke taken. Dit betreft onder andere de volgende hoofdtaken (zie ook artikel 10 van de Wet Veiligheidsregio’s):

  • de bestrijding van branden en het organiseren van rampenbestrijding en crisisbeheersing;

  • het instellen en in stand houden van de brandweer en de geneeskundige hulp bij ongevallen en rampen.

Naast deze rijksbijdrage, die ongeveer 15 procent van de inkomsten van de veiligheidsregio’s behelst, ontvangen de veiligheidsregio’s een bijdrage van de gemeenten. De verdeling van de BDuR over de veiligheidsregio’s in een vast en een variabel deel vindt plaats conform het verdeelsysteem dat te vinden is in bijlage 2 van het Besluit veiligheidsregio’s. In overeenstemming met artikel 8.1 van het Besluit veiligheidsregio’s worden de bijdragen bekend gemaakt in een brief die wordt verstuurd aan de veiligheidsregio’s.Het verschil van € 6,2 mln. tussen de begroting en realisatie betreft de uitgekeerde tranche van de loon- en prijsbijstelling.

COVID-19

Het kabinet heeft voor 2022 middelen vrijgemaakt om de gemeenten te ondersteunen in de controle en handhaving van de coronatoegangsbewijzen (CTB). Door gemeenten is ruim 41 mln. aangevraagd voor deze regeling. Enkele gemeenten hebben geen gebruikt gemaakt van de regeling of hebben vanwege het overschrijden van de indieningsdatum geen gebruik kunnen maken van de regeling. De regeling liep van 1 januari 2022 tot en met 26 maart 2022.

Overige Bijdragen Medeoverheden

De realisatie in 2022 is € 26 mln. lager dan begroot. Een bedrag van € 1,0 mln. is bij de suppletoire begrotingen overgeboekt naar andere ministeries voor de uitvoering van beleid en er is voor een bedrag van 15,0 mln. herschikt naar andere artikelonderdelen binnen JenV. Een bedrag van € 10 mln. is niet uitgegeven omdat voorziene uitgaven voor bewaken en beveiligen betaald worden in 2023 (€ 1,6 mln.) en financiering van activiteiten op gebied van veiligheid is gedaan middels subsidies in plaats van een bijdrage (€ 1,2 mln.). Daarnaast is € 2,0 mln. terugontvangen van NCSC daar de voorziene uitbreiding van het personeelsbestand langzamer gaat dan gehoopt als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. Tenslotte is de ontwikkeling van de Passagiersinformatie-eenheid vertraagd (€ 5,2 mln.).

Subsidies

Nederlands Rode Kruis

Jaarlijks ontvangt het Nederlandse Rode Kruis een subsidie van JenV ten behoeve van de ondersteuning van de grootschalige geneeskundige hulpverlening en de tracing (het opsporen van familieleden met wie het contact is verloren als gevolg van een situatie waarin humanitaire actie vereist is). Deze subsidie wordt toegekend op grond van artikel 8 van het Besluit Rode Kruis.31

Nationaal Veiligheidsinstituut

Het Nationaal Veiligheidsinstituut ontvangt subsidie om een landelijk expositiecentrum op het terrein van veiligheid te beheren. Deze begrotingsvermelding vormt de wettelijke grondslag voor de hier bedoelde subsidieverlening als bedoeld in artikel 4:23, derde lid, onder c, van de Algemene Wet Bestuursrecht.

Overige subsidies

Financiering van activiteiten op het gebied van veiligheid is gedaan middels subsidies in plaats van een bijdrage medeoverheden. Onder andere een subsidie voor Landelijk steunpunt extremisme, subsidies voor kennisopbouw op gebied van bewaken en beveiligen en beveiliging burgerluchtvaart.

Opdrachten

Project NL-Alert

NL-Alert is het alarmmiddel van de overheid dat de bevolking waarschuwt en informeert over een noodsituatie. Een NL-Alert wordt uitgezonden bij levens- en gezondheidsbedreigende situaties. In ieder NL-Alert bericht staat wat er aan de hand is, wat mensen moeten doen, en waar informatie en updates kunnen worden gevonden. NL-Alert wordt ontvangen op de mobiele telefoon en daarnaast getoond op digitale reclameborden en vertrekborden in het openbaar vervoer. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid financiert de jaarlijkse beheer- en exploitatiekosten voor het NL-Alert systeem, de doorontwikkeling ervan en andere activiteiten zoals publieksvoorlichting en opleiding.

COVID-19

De uitgaven voor COVID-19 hebben vooral betrekking op de kosten voor het call center, die het gehele jaar actief is gebleven. Voor deze uitgaven is bij de eerste suppletoire begroting een budget van € 7 mln. toegekend.

Regeling tegemoetkoming schade 2021

Op grond van de Wet tegemoetkoming schade bij rampen (Wts) kunnen de door de overstromingen in juli 2021 getroffen inwoners en organisaties in Limburg worden bijstaan. Om gedupeerden deels tegemoet te komen bij schade die niet redelijkerwijs verzekerbaar, niet verhaalbaar en niet vermijdbaar is, is onder de Wts de Regeling tegemoetkoming schade 2021 opgesteld. In 2022 is € 72 mln. aan schadevergoeding uitgekeerd.

36.3 Onderzoekszaak voor de Veiligheid

Bijdragen ZBO/RWT’s

Onderzoekszaak voor de Veiligheid (OvV)

De OvV verricht op grond van de rijkswet Onderzoeksraad voor veiligheid onafhankelijk onderzoek en stelt op basis daarvan aanbevelingen op voor het structureel vergroten van de veiligheid. De OvV fungeert als onafhankelijk onderzoeksorgaan, dat op eigen gezag kan besluiten tot het doen van onderzoek naar de oorzaak van (ernstige) ongevallen en rampen of een dreiging daartoe. De onderzoeken die zijn gedaan in 2022 zijn te vinden op www.onderzoeksraad.nl.

Ontvangsten

De extra ontvangsten op dit artikel zijn met name een gevolg van de afrekening van de bevoorschotte uitgaven voor de aanleg van een noodvoorraad persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) voor 45 dagen. Tevens zijn er middelen ontvangen van de KMar, Politie en de ministerie van Defensie in het kader van kennisopbouw via TNO.

26

De verantwoordelijkheid van de Minister is gebaseerd op de Wet veiligheidsregio’s (verantwoordelijkheid voor het stelsel van brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening in de regio (GHOR), rampenbestrijding en crisisbeheersing), de Politiewet 2012 (bewaken en beveiligen), de Luchtvaartwet (beveiliging burgerluchtvaart) en het Koninklijk Besluit van 14 december 2005 (terrorismebestrijding).

27

Besluit van 14 december 2005, houdende tijdelijke herindeling van ministeriële taken in geval van een terroristische dreiging met een urgent karakter, Stb. 2005, nr. 662.

28

Voor de meest recente versies wordt verwezen naar respectievelijk de Rapportage Integrale Aanpak Terrorisme (Kamerstukken II, 2021/2022, 29754, nr. 645) en het Cybersecuritybeeld Nederland 2020 (Kamerstukken II, 2021/2022, 26643, nr. 891)

29

Kamerstuk II, 22-23 29517, nr. 225

30

Kamerstuk II, 22-23 29517, nr. 223

Licence