Base description which applies to whole site

3.3 Beleidsartikel 4. Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie

Tabel 6 Budgettaire gevolgen van beleid, beleidsartikel 4 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
  

Vastgestelde begroting (incl. ISB, NvW en amendementen)

Stand 1e suppletoire begroting (incl. ISB, NvW en amendementen) (2)

Mutaties 2e suppletoire begroting (3)

Stand 2e suppletoire begroting (4)=(2+3)

    

Mutaties Miljoenennota

Overige mutaties 2e suppletoire begroting

 

Verplichtingen

4.412.944

4.659.008

249.846

57.769

4.966.623

garantieverplichtingen

0

0

891

74.702

75.593

overige verplichtingen

4.412.944

4.659.008

248.955

‒ 16.933

4.891.030

       

Uitgaven

4.679.783

4.820.969

56.876

‒ 12.003

4.865.842

waarvan juridisch verplicht

99,7%

99,7%

  

100%

       

Bekostiging

4.218.548

4.343.072

110

‒ 12.034

4.331.148

Hoofdbekostiging

3.673.007

3.798.077

‒ 9.890

‒ 10.588

3.777.599

 

Bekostiging mbo-instellingen1

3.600.387

3.722.559

‒ 10.000

‒ 8.181

3.704.378

 

Bekostiging Caribisch Nederland

7.220

8.153

110

‒ 2.407

5.856

 

Bekostiging vavo

65.400

67.365

0

0

67.365

Kwaliteitsafspraken

440.000

440.000

0

0

440.000

 

Investeringbudget

440.000

440.000

0

0

440.000

 

Resultaatafhankelijk budget

0

0

0

0

0

Aanvullende bekostiging

105.541

104.995

10.000

‒ 1.446

113.549

 

Regionaal Investeringsfonds

23.075

22.975

0

‒ 1.395

21.580

 

Salarismix Randstadregio's

50.000

51.503

0

0

51.503

 

Tijdelijke regeling tegemoetkoming schoolkosten

0

0

10.000

0

10.000

 

Regionaal Programma

30.466

30.466

0

0

30.466

 

Gelijke kansen

2.000

51

0

‒ 51

0

Subsidies (regelingen)

255.647

268.191

56.348

‒ 2.245

322.294

Subsidieregeling praktijkleren

212.600

224.100

‒ 10.600

0

213.500

Leven Lang Ontwikkelen

11.750

6.631

0

‒ 3.610

3.021

Actieplan Laaggeletterdheid/Tel mee met Taal

14.500

15.200

‒ 151

1.200

16.249

Loopbaanorientatie

1.275

3.275

0

51

3.326

Vakwedstrijden MBO

3.200

3.200

0

0

3.200

Inhaal- en ondersteuningsprogramma's

0

1.863

68.000

0

69.863

Overige subsidies

12.322

13.922

‒ 901

114

13.135

Opdrachten

4.990

6.779

741

‒ 2.032

5.488

In- en uitbesteding

4.990

6.779

741

‒ 2.032

5.488

Bijdrage aan agentschappen

19.334

19.356

‒ 323

2.904

21.937

Dienst Uitvoering Onderwijs

16.334

16.776

77

2.904

19.757

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

3.000

2.580

‒ 400

0

2.180

Bijdrage aan ZBO's/RWT's

66.399

60.746

0

410

61.156

College voor Toetsen en Examens

6.893

0

0

0

0

Wet SLOA

3.273

220

0

‒ 220

0

SBB

56.233

60.526

0

630

61.156

Bijdrage aan medeoverheden

114.865

122.825

0

994

123.819

RMC's

35.309

41.451

0

‒ 500

40.951

Educatie

60.356

62.174

0

0

62.174

Caribisch Nederland

0

0

0

1.494

1.494

Regionaal Programma

19.200

19.200

0

0

19.200

       

Ontvangsten

4.000

4.000

0

900

4.900

1

Vanaf 2018 inclusief de bekostiging van het groen mbo-onderwijs.

In de kolom «Mutaties tweede suppletoire begroting 2020» worden de mutaties ten opzichte van de «Stand eerste suppletoire begroting 2020» weergegeven. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht.

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen worden per saldo met € 307,6 miljoen verhoogd. Het verschil tussen de verplichtingen- en uitgavenmutaties (€ 262,7 miljoen) wordt met name veroorzaakt door:

  • garantieverplichtingen/rekening-courant kredieten aan onderwijsinstellingen die in 2020 zijn aangegaan of vervallen en waar het Ministerie van OCW garant voor staat (€ 75,6 miljoen);

  • bijstelling van de verplichtingenraming zonder kaseffecten 2020 als gevolg van aanpassingen (€ 183 miljoen). Het betreft voornamelijk de doorwerking voor het bekostigingsjaar (kas) 2021 van de loon- en prijsbijstelling tranche 2020 en de referentieraming 2020 die in 2020 verplicht zijn (€ 168,7 miljoen).

Uitgaven

Toelichting per instrument:

Bekostiging

Het budget wordt per saldo met circa € 12,0 miljoen verlaagd. De verlaging wordt grotendeels veroorzaakt door:

  • een overboeking van € 8,2 miljoen van Artikel 4 naar Artikel 3 (Voortgezet Onderwijs) ten behoeve van wachtgelden voor het vo-deel van de aoc’s;

  • ook heeft er een overboeking van € 1,5 miljoen plaatsgevonden van het instrument bekostiging Caribisch Nederland naar het instrument bijdrage aan medeoverheden Caribisch Nederland ten behoeve van de Sociale Kanstrajecten Jongeren (SKJ) zodat deze middelen op het juiste instrument gerealiseerd worden;

  • daarnaast is er sprake van een overlopende verplichting van € 1,3 miljoen van 2020 naar 2021 bij het Regionaal Investeringsfonds (RIF) doordat de kasgevolgen anders zijn dan begroot. Hierdoor worden de beschikbare middelen in overeenstemming gebracht met het (verwachte) betalingsritme.

Subsidies (regelingen)

Het budget wordt per saldo met € 54,1 miljoen verhoogd. De verhoging wordt grotendeels veroorzaakt door:

  • een toevoeging van € 68,0 miljoen ten behoeve van de regeling Inhaal- en ondersteuningsprogramma’s, aangekondigd in de brief van 15 mei over compensatie studenten en ondersteuningsmaatregelen COVID-19. Deze middelen zijn in de 2e Incidentele Suppletoire begroting 2020 toegevoegd aan Artikel 1 (Primair Onderwijs) en overgeboekt van Artikel 1 (Primair Onderwijs) naar Artikel 4. Er is nu in totaal circa € 70 miljoen beschikbaar voor de Inhaal- en ondersteuningsprogramma's;

  • het kabinet verhoogt de subsidieregeling praktijkleren voor de studiejaren 2020-2021 en 2021-2022 met €10,6 miljoen per jaar voor conjunctuur- en contactgevoelige bedrijfssectoren, die geraakt worden door de coronacrisis. Uitbreiding van deze regeling was om uitvoeringstechnische redenen in 2020 niet mogelijk. Daarom is de inzet van deze middelen geactualiseerd waarmee de uitgave nu in de jaren 2021 en 2022 valt;

  • tenslotte is er een meevaller ontstaan van € 2,8 miljoen bij het onderdeel Leven Lang Ontwikkelen. In totaal is er € 20 miljoen beschikbaar voor de regeling flexibilisering beroepsonderwijs voor volwassenen, waarbij in vier rondes aanvragen kunnen worden gedaan. De 1e en 2e aanvraagrondes hebben in 2020 plaatsgevonden. Door het vertragende effect van de coronacrisis zijn minder aanvragen binnengekomen dan begroot, waardoor er een meevaller is ontstaan van € 2,8 miljoen.

Licence