Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.11 Beleidsartikel 14. Cultuur

Tabel 17 Budgettaire gevolgen van beleid art. 14 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
 

Ontwerp-begroting 2021 (1)

Mutaties via NvW, amende-menten en ISB (2)

Vastge-stelde begroting 2021 (3) = (1) + (2)

Mutaties 1e suppletoire begroting (4)

Stand 1e suppletoire begroting (5) = (3) + (4)

Mutatie 2022

Mutatie 2023

Mutatie 2024

Mutatie 2025

Verplichtingen

331.519

283.000

614.519

163.321

777.840

12.628

11.913

52.956

12.674

waarvan garantieverplichtingen

0

   

32.303

32.303

0

0

0

0

waarvan overig

331.519

283.000

614.519

131.018

745.537

12.628

11.913

52.956

12.674

Totale uitgaven

1.001.772

298.000

1.299.772

95.220

1.394.992

25.518

24.804

23.992

23.052

waarvan juridisch verplicht (%)

96,1%

               
                   

Bekostiging

890.951

212.880

1.103.831

78.601

1.182.432

18.735

19.090

19.097

20.780

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

220.817

39.470

260.287

7.420

267.707

‒ 6.326

‒ 6.325

‒ 6.322

‒ 4.332

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

193.121

114.140

307.261

48.034

355.295

17.290

17.395

17.395

16.268

Huisvesting erfgoed

0

 

0

 

0

       

Beheer en onderhoud collecties erfgoed

0

 

0

 

0

       

Museale instellingen met een wettelijke taak

217.302

39.270

256.572

31.423

287.995

14.707

14.707

14.707

14.657

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

23.637

 

23.637

230

23.867

476

476

476

476

Digitale openbare bibliotheek

16.536

 

16.536

2.582

19.118

332

332

332

332

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.290

 

12.290

247

12.537

247

247

247

247

Monumentenzorg

159.340

20.000

179.340

396

179.736

2.963

2.816

2.820

3.420

Archieven incl. Regionale Historische Centra

27.180

 

27.180

1.888

29.068

2.427

2.490

2.490

2.490

Flankerend beleid huisvesting

6.681

 

6.681

137

6.818

137

137

137

137

Cultuureducatie met Kwaliteit

14.047

 

14.047

‒ 13.756

291

‒ 13.518

‒ 13.185

‒ 13.185

‒ 12.915

Subsidies (regelingen)

42.916

85.120

128.036

13.125

141.161

2.548

2.417

2.421

798

Verbreden inzet cultuur

7.454

 

7.454

166

7.620

187

208

237

280

Internationaal cultuurbeleid (incl. HGIS)

7.399

 

7.399

957

8.356

957

957

957

71

Programma leesbevordering

3.850

 

3.850

365

4.215

117

68

68

68

Creatieve Industrie

2.085

 

2.085

‒ 648

1.437

‒ 357

‒ 357

‒ 357

40

Monumentenzorg

135

 

135

2

137

0

0

0

0

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

 

0

0

0

0

0

0

0

Specifiek cultuurbeleid

20.169

85.120

105.289

9.411

114.700

856

864

839

312

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

1.824

 

1.824

2.872

4.696

788

677

677

27

Opdrachten

22.692

0

22.692

2.169

24.861

1.381

1.358

1.297

1.241

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.091

 

2.091

‒ 457

1.634

42

39

39

39

Monumentenzorg

0

 

0

0

0

0

0

0

0

Archeologie

0

 

0

0

0

0

0

0

0

Erfgoed en fysieke leefomgeving

0

 

0

0

0

0

0

0

0

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

8.004

 

8.004

5.165

13.169

2.085

1.134

1.133

1.123

Overige opdrachten

12.597

 

12.597

‒ 2.539

10.058

‒ 746

185

125

79

Bijdragen aan agentschappen

42.315

0

42.315

1.247

43.562

2.795

1.880

1.119

175

Nationaal Archief

42.315

 

42.315

1.247

43.562

2.795

1.880

1.119

175

Bijdragen aan (inter)nationale organisaties

2.898

0

2.898

78

2.976

59

59

58

58

Ontvangsten

494

0

494

12.814

13.308

0

0

0

0

In de kolom "Mutaties 1e suppletoire begroting 2021" worden de mutaties ten opzichte van de «Stand vastgestelde begroting 2021» weergegeven. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht.

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen worden met € 163,3 miljoen verhoogd. Het verschil van € 68,1 miljoen tussen de verplichtingen- en uitgavenmutaties wordt onder andere veroorzaakt door:

  • een verhoging van de garantieverplichtingen van € 32,3 miljoen;

  • een ophoging voor de loon- en prijsbijstelling tranche 2021 van € 34,2 miljoen, die voor een groot deel van de cultuurbegroting in 2021 wordt verplicht voor de jaren 2021-2024.

Uitgaven

Toelichting per instrument:

Bekostiging

Het budget voor de bekostiging wordt per saldo met € 78,6 miljoen verhoogd. De verhoging is het gevolg van de volgende mutaties:

Het budget voor Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen is per saldo verhoogd met € 7,4 miljoen. Dit saldo bestaat grotendeels uit een verlaging door een overboeking (€ 9,0 miljoen) aan het budget voor Museale instellingen met een wettelijke taak (zie ook toelichting hierna), een verhoging met middelen uit het vierde steunpakket voor de culturele sector in verband met COVID-19 (€ 14 miljoen) en een verhoging met middelen voor loon- en prijsbijstelling (€ 4,7 miljoen). Daarnaast is het budget met € 1,0 miljoen verlaagd voor een decentralisatie uitkering aan de gemeente Amsterdam voor een voorziening voor het slavernijverleden. Het resterende saldo van € 1,3 miljoen waarmee het budget is verlaagd, is een saldo van een aantal interne overboekingen binnen Artikel 14.

Het budget voor Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen is per saldo verhoogd met € 48,0 miljoen. Hiervan komt € 29,3 miljoen uit het vierde steunpakket voor de culturele sector in verband met COVID-19. Een verhoging van € 13,8 miljoen is afkomstig uit het budget Cultuureducatie met Kwaliteit. Deze middelen worden besteed aan hetzelfde doel als voorheen, maar door toevoeging van de middelen aan de vierjaarlijkse subsidie aan het Fonds voor Cultuurparticipatie vindt begroting en verantwoording vanaf nu plaats via het budget Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen. Daarnaast is het budget verhoogd met € 1,2 miljoen door een bijdrage van het ministerie van Binnenlandse Zaken voor het Actieprogramma Ruimtelijk Ontwerp 2021-2024 en met € 4,0 miljoen uit de middelen voor loon- en prijsbijstelling.

Het budget voor Museale instellingen met een wettelijke taak is verhoogd met € 31,4 miljoen. Vanaf 2021 verloopt de bekostiging van de museale instellingen met een wettelijke taak volledig via dit budget, als gevolg van een herindeling van de budgettabel. Het grootste deel van het budget voor de betreffende instellingen was al eerder naar dit budget verplaatst, hierop is nu op basis van actuele ramingen een aanvulling gedaan (€ 10,9 miljoen). De rest van de verhoging van dit budget betreft middelen uit het vierde steunpakket voor de culturele sector in verband met COVID-19 (€ 16 miljoen) en de loon- en prijsbijstelling tranche 2021 (€ 4,5 miljoen).

Het budget voor de Digitale openbare bibliotheek is verhoogd met € 2,6 miljoen, waarvan € 2,3 miljoen afkomstig is uit het vierde steunpakket voor de culturele sector in verband met COVID-19. 

Het budget voor Cultuureducatie met Kwaliteit is verlaagd met € 13,8 miljoen door een interne overboeking aan het budget voor Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen, zie ook de toelichting bij dat budget.

Subsidies

Het budget voor Specifiek cultuurbeleid is verhoogd met € 9,4 miljoen, waarvan € 8,5 miljoen afkomstig is uit het vierde steunpakket voor de culturele sector in verband met COVID-19.

Opdrachten

Het budget Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed is verhoogd met € 5,2 miljoen. Deze middelen worden binnen de cultuurbegroting beschikbaar gesteld aan de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed voor de uitvoering van beleidsopdrachten.

Ontvangsten

De ontvangsten worden verhoogd met € 12,8 miljoen. Dit wordt vooral veroorzaakt door een ontvangst vanuit het Nationaal Archief (NA) (€ 10,8 miljoen). Om te voldoen aan de aan de Rijksbegrotingsvoorschriften mogen middelen voor langlopende projecten niet op de balans van het NA blijven staan maar moeten terug naar OCW. Via een desaldering zijn deze middelen toegevoegd aan het budget van het NA.

Daarnaast komt het eigen vermogen van het NA boven de toegestane grens uit van een maximumomvang van 5% van de gemiddelde jaaromzet (€ 2,0 miljoen). Het surplus aan eigen vermogen van 2020 is teruggestort aan OCW en via een desaldering toegevoegd aan het budget van het NA.

Licence