Base description which applies to whole site

3.11 Beleidsartikel 14. Cultuur

Tabel 20 Budgettaire gevolgen van beleid, beleidsartikel 14 (Tweede suppletoire begroting) (bedragen x € 1.000)
  

Vastgestelde begroting (incl. ISB, NvW en amendementen)

Stand 1e suppletoire begroting (incl. ISB, NvW en amendementen) (2)

Mutaties 2e suppletoire begroting (3)

Stand 2e suppletoire begroting (4)=(2+3)

    

Mutaties Miljoenennota

Overige mutaties 2e suppletoire begroting

 

Verplichtingen

614.519

830.340

84.882

124.532

1.039.754

       

Uitgaven

1.299.772

1.447.492

3.856

7.620

1.458.968

waarvan juridisch verplicht

97,0%

   

97,9%

       

Bekostiging

1.103.831

1.182.432

14.037

‒ 7.229

1.189.240

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse instellingen

260.287

267.707

1.902

‒ 1.004

268.605

Culturele basisinfrastructuur vierjaarlijkse fondsen

307.261

355.295

9.291

139

364.725

Museale instellingen met een wettelijke taak

256.572

287.995

2.894

‒ 728

290.161

Stelseltaken openbare bibliotheekvoorzieningen

23.637

23.867

0

0

23.867

Digitale openbare bibliotheek

16.536

19.118

0

0

19.118

Bibliotheekvoorziening leesgehandicapten

12.290

12.537

0

0

12.537

Monumentenzorg

179.340

179.736

1.925

‒ 5.136

176.525

Archieven incl. Regionale Historische Centra

27.180

29.068

43

‒ 500

28.611

Flankerend beleid huisvesting

6.681

6.818

‒ 1.727

0

5.091

Cultuureducatie met Kwaliteit

14.047

291

‒ 291

0

0

Subsidies (regelingen)

128.036

193.661

‒ 9.520

16.797

200.938

Verbreden inzet cultuur

7.454

7.620

0

628

8.248

Internationaal cultuurbeleid ( incl. HGIS)

7.399

8.356

0

991

9.347

Programma leesbevordering

3.850

4.215

0

0

4.215

Creatieve Industrie

2.085

1.437

0

32

1.469

Monumentenzorg

135

137

0

‒ 137

0

Specifiek cultuurbeleid

105.289

167.200

‒ 9.520

12.721

170.401

Subsidies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

1.824

4.696

0

2.562

7.258

Opdrachten

22.692

24.861

23

‒ 988

23.896

Beleidsonderzoek, evaluaties en kennisbasis

2.091

1.634

0

‒ 475

1.159

Monumentenzorg

0

0

0

‒ 152

‒ 152

Opdrachten Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

8.004

13.169

‒ 110

2.261

15.320

Overige opdrachten

12.597

10.058

133

‒ 2.622

7.569

Bijdrage aan agentschappen

42.315

43.562

‒ 684

210

43.088

Nationaal Archief

42.315

43.562

‒ 684

210

43.088

Bijdrage aan (inter)nationale organisaties

2.898

2.976

0

‒ 1.170

1.806

Bijdragen aan (inter-)nationale organisaties

2.898

2.976

0

‒ 1.170

1.806

       

Ontvangsten

494

13.308

2.682

1.306

17.296

Tabel 21 Uitsplitsing verplichtingen
  

Vastgestelde begroting (incl. ISB, NvW en amendementen)

Stand 1e suppletoire begroting (incl. ISB, NvW en amendementen) (2)

Mutaties 2e suppletoire begroting (3)

Stand 2e suppletoire begroting (4)=(2+3)

    

Mutaties Miljoenennota

Overige mutaties 2e suppletoire begroting

 

Verplichtingen

614.519

830.340

84.882

124.532

1.039.754

waarvan garantieverplichtingen

0

32.303

79.406

74.766

186.475

waarvan overig

614.519

798.037

5.476

49.766

853.279

In de kolom «Mutaties tweede suppletoire begroting 2021» worden de mutaties ten opzichte van de «Stand eerste suppletoire begroting 2021» weergegeven. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht.

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen worden met € 192,9 miljoen verhoogd. Het verschil tussen de verplichtingen- en uitgavenmutaties (€ 197,9 miljoen) bestaat voor een groot deel uit garantieverplichtingen (€ 154,2 miljoen). De rest bestaat uit verplichtingenmutaties zonder kaseffect, die nodig waren doordat de eerder geraamde bedragen te laag waren ingeschat. De oorzaak daarvan zijn bijvoorbeeld projectsubsidies die in 2021 worden aangegaan met een langere looptijd dan waar eerder rekening mee was gehouden.

Uitgaven

Toelichting per instrument:

Subsidies

Het instrument subsidies wordt per saldo met € 7,3 miljoen verhoogd. Dit heeft onder andere te maken met een toevoeging van extra corona middelen in de 2e Suppletoire Begroting. Het kabinet heeft aangekondigd dat van 13 november tot 4 december geen ongeplaceerde evenementen plaats kunnen vinden. Daarnaast geldt er een maximale capaciteit van 1250 bezoekers per ruimte. Om instellingen die te maken hebben met deze beperkende maatregelen tegemoet te komen, wordt de suppletieregeling bij het Fonds Podiumkunsten uitgebreid naar een vergoeding van maximaal 55% van de kaarten van de totale reguliere capaciteit en opengesteld voor voorstellingen met een zitplaats. Sommige instellingen zullen ook aanspraak kunnen maken op de TVL (Tegemoetkoming Vaste Lasten). Voor deze maatregel stelt het kabinet aanvullend € 16,5 miljoen beschikbaar voor een periode van 3 weken.

Licence