Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

5.1 Artikel 8 Apparaat Kerndepartement

Tabel 18 pparaatsuitgaven Kerndepartement (Bedragen x € 1.000)
 

Vastgestelde begroting (incl. ISB 1 t/m 3, NvW) (1)

Stand 1e suppletoire begroting (incl. ISB 4) (2)

Mutaties 2e suppletoire begroting (3)

Stand 2e suppletoire begroting (4)=(2+3)

Mutaties Miljoenennota

Overige mutaties 2esuppletoire begroting

Verplichtingen

283.512

293.397

9.138

‒ 647

301.888

      

Uitgaven

283.512

293.397

9.138

‒ 647

301.888

      

Personele uitgaven

195.659

204.776

8.208

‒ 759

212.225

Eigen personeel

187.433

195.991

7.930

‒ 2.335

201.586

Inhuur externen

7.703

8.262

266

1.576

10.104

Overig personeel

523

523

12

0

535

      

Materiële uitgaven

87.853

88.621

930

112

89.663

ICT

13.951

16.834

‒ 1.632

‒ 876

14.326

Bijdrage aan SSO's

43.146

41.578

2.217

‒ 6.031

37.764

Overig materieel

30.756

30.209

345

7.019

37.573

      

Ontvangsten

51.837

53.636

2.641

‒ 2.639

53.638

Toelichting

Verplichtingen en uitgaven

Personele uitgaven

Binnen en tussen de subartikelen van artikel 8 vinden verschillende (kleine) budgetneutrale herschikkingen plaatst. Daarnaast hebben er enkele overboekingen van en naar andere departementen plaatsgevonden. De grootste mutaties zijn:

  • De loonkosten van eigen personeel zijn hoger vanwege een stijging van de cao-lonen, de eenmalige uitkering inzake de nieuwe cao en de extra uitgaven als gevolg van de eenmalige thuiswerkvergoeding 2021 (ca. € 3,3 mln.).

  • Ten behoeve van de transitie en versterking van het ministerie van Financiën als gevolg van de ontvlechting van de Belastingdienst, Douane en Toeslagen is extra capaciteit nodig bij diverse stafdirecties binnen het kerndepartement (ca. € 3,7 mln.).

Licence