Base description which applies to whole site
+Toon begrotingsfasen

3.3 Artikel 17 Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Megaprojecten zijn door de Tweede Kamer aangewezen grote projecten (grootprojectstatus). De aanwijzing van grote projecten gebeurt op basis van artikel 2 van de Regeling Grote Projecten. De grootprojectstatus behelst dat de Regeling Grote Projecten van toepassing is, die voorschrijft dat de Minister zich ten minste halfjaarlijks tegenover de Tweede Kamer verantwoordt over de voortgang via een Voortgangsrapportage.

Onder dit artikel vallen de megaprojecten Verkeer en Vervoer:

  • Hogesnelheidslijn-Zuid;

  • Project Mainportontwikkeling Rotterdam;

  • ERTMS ;

  • Zuidasdok;

  • Programma Hoogfrequent Spoorvervoer.

Het projectartikel is gerelateerd aan de beleidsartikelen 14 Wegen en Verkeersveiligheid, 16 Spoor en 18 Scheepvaart en havens op de begroting Hoofdstuk XII.

Tabel 45 Budgettaire gevolgen van uitvoering art. 17 Megaprojecten verkeer en vervoer (bedragen x € 1.000)
 

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Verplichtingen

256.308

926.204

1.879.158

213.295

521.586

304.797

783.489

Uitgaven

333.324

382.638

218.763

548.624

680.069

675.270

783.719

Waarvan juridisch verplicht (percentage)

  

71%

    

17.02 Betuweroute

1.094

0

0

0

0

0

0

17.03 Hogesnelheidslijn-Zuid

54

4.420

3.116

0

0

0

0

17.03.01 Realisatie HSL-zuid

54

4.420

3.116

0

0

0

0

17.06 Project Mainportontwikkeling Rotterdam

16.186

10.749

460

663

663

663

663

17.07 ERTMS

63.243

78.855

49.033

147.758

134.596

148.059

280.237

17.07.01 Realisatieprogramma ERTMS

49.628

75.080

42.830

147.758

134.596

148.059

280.237

17.07.02 Verkenning en planuitwerking ERTMS

13.615

3.775

6.203

0

0

0

0

17.08 Zuidasdok

90.791

85.732

25.576

172.575

281.065

174.189

89.682

17.10 Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

161.956

202.882

140.578

227.628

263.745

352.359

413.137

17.10.01 Programma Hoogfrequent Spoorvervoer; realisatieprogramma

129.514

181.668

86.619

87.460

15.177

15.978

14.257

17.10.02 Programma Hoogfrequent Spoorvervoer; Planuitwerking

32.442

21.214

53.959

140.168

248.568

336.381

398.880

Ontvangsten

26.381

60.930

64.739

71.235

57.494

174.928

83.439

17.09 Ontvangsten

26.381

60.930

64.739

71.235

57.494

174.928

83.439

Budgetflexibiliteit

Met uitzondering van verkenning en planuitwerking, zijn de budgetten in 2021 juridisch verplicht op de peildatum 1 januari 2021. Omschrijving van de samenhang in het beleid Budgetflexibiliteit

Onderstaand zijn de beschikbare budgetten tot en met 2034 per jaar gepresenteerd op het niveau van artikelonderdeel. In de verdiepings-bijlage bij de begroting zijn de mutaties op hetzelfde detailniveau toegelicht voor de periode tot en met 2034.

Tabel 46 Artikel 17 Megaprojecten verkeer en vervoer (bedragen x € 1.000)
  

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

17

Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Uitgaven

382.638

218.763

548.624

680.069

675.270

783.719

836.613

687.895

17.02

Betuweroute

 

0

0

0

0

0

0

0

0

17.03

Hogesnelheidslijn-Zuid

 

4.420

3.116

0

0

0

0

0

0

17.06

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

 

10.749

460

663

663

663

663

663

663

17.07

ERTMS

 

78.855

49.033

147.758

134.596

148.059

280.237

250.228

208.638

17.08

Zuidasdok

 

85.732

25.576

172.575

281.065

174.189

89.682

63.255

60.344

17.10

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

 

202.882

140.578

227.628

263.745

352.359

413.137

522.467

418.250

17

Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Ontvangsten

60.930

64.739

71.235

57.494

174.928

83.439

16.151

18.857

17.09

Ontvangsten

 

60.930

64.739

71.235

57.494

174.928

83.439

16.151

18.857

Vervolg (bedragen x € 1.000)
  

2028

2029

2030

2031

2032

2033

2034

2020-2034

17

Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Uitgaven

397.266

683.496

341.453

209.792

218.502

50.792

10.000

6.724.892

17.02

Betuweroute

 

0

0

0

0

0

0

0

0

17.03

Hogesnelheidslijn-Zuid

 

0

0

0

0

0

0

0

7.536

17.06

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

 

663

663

663

663

663

50.792

0

69.294

17.07

ERTMS

 

200.682

163.533

221.456

206.956

217.839

0

10.000

2.317.870

17.08

Zuidasdok

 

17.491

332.030

0

0

0

0

0

1.301.939

17.10

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

 

178.430

187.270

119.334

2.173

0

0

0

3.028.253

17

Megaprojecten Verkeer en Vervoer

Ontvangsten

7.877

65.430

0

0

0

0

0

621.080

17.09

Ontvangsten

 

7.877

65.430

0

0

0

0

0

621.080

17.03 Hogesnelheidslijn-Zuid

Motivering

De HSL-Zuid corridor is een 125 kilometer lange, tweesporige hogesnelheidsspoorlijn tussen Amsterdam en de Belgische grens bij Breda die exclusief bestemd is voor het personenvervoer. De HSL-Zuid corridor kan ruwweg opgedeeld worden in enerzijds de nieuw aangelegde hogesnelheidsinfrastructuur tussen Hoofddorp en Rotterdam, tussen Barendrecht en de Belgische grens en de aftakking naar Breda en anderzijds het bestaande conventionele spoor tussen Amsterdam en Hoofddorp en tussen Rotterdam en Barendrecht. Op de HSL-Zuid zijn op de delen met hogesnelheidsinfrastructuur ERTMS en 25kV in bedrijf. De bovenbouw van de hogesnelheidsinfrastructuur is in 2006 en 2007 opgeleverd. Het traject tussen Amsterdam en Rotterdam is per 7 september 2009 officieel in gebruik genomen, het traject tussen Rotterdam en Antwerpen per 13 december 2009 en de aftakkingen naar Breda per 3 april 2011 en 9 april 2018. Naar aanleiding van het rapport van de parlementaire enquêtecommissie Fyra (Kamerstukken II 2015–2016, 33 678, nr. 16) zet het kabinet in op een betere benutting van de HSL-Zuid met kortere reistijd voor de reizigers en een betrouwbare dienstverlening. In 2018 is met de introductie van de IC Amsterdam-Brussel en de Eurostar over de HSL, het alternatieve aanbod zoals overeengekomen na de Fyra gerealiseerd.

Eindevaluatie grootprojectstatus

Op 30 januari 2020 is de Eindevaluatie grootprojectstatus HSL-Zuid aangeboden aan de Tweede Kamer. Op 8 april 2020 zijn de feitelijke vragen van de Vaste Commissie voor Infrastructuur en Waterstaat hierover beantwoord. De hoofdboodschap van de eindevaluatie en de begeleidende Kamerbrief is dat het projectdoel en alle beoogde activiteiten van het aanlegproject HSL-Zuid zijn gerealiseerd, het projectbudget vrijwel geheel is besteed en het resterende risicoprofiel in verhouding tot het projectbudget zeer beperkt is. Daarmee lijkt aan de belangrijkste criteria voldaan om over te gaan tot beëindiging van de grootprojectstatus.

De achterliggende beleidsdoelstellingen van het groot project zijn destijds niet nader geconcretiseerd: 1) het versterken van de economische positie van Nederland en de Randstad; en 2) treinverkeer als vervanging voor auto- en vliegverkeer. Dat neemt niet weg dat wel degelijk duidelijk is dat het gebruik door (internationale) reizigers de afgelopen jaren is toegenomen. Dit wordt geconcludeerd op basis van het aantal reizigerskilometers zoals opgenomen in de voortgangsrapportages van het groot project. Op 28 april 2020 heeft de Vaste Commissie desalniettemin verzocht om de Tweede Kamer op basis van aanvullend onderzoek te informeren over de mate waarin de oorspronkelijke maatschappelijke doelstellingen van de aanleg van de HSL-Zuid zijn verwezenlijkt. Er wordt nog bepaald hoe – gegeven de eerder genoemde kanttekeningen – invulling wordt gegeven aan dit verzoek van de Vaste Commissie.

Producten

De bouwwerkzaamheden aan het tracé zijn gereed. Er resteren nog enkele restpunten met een beperkt risicoprofiel, te weten de afhandeling van grondverwerving en schades en uit te voeren evaluaties. De geschatte einddatum is 2021. het Schadeschap HSL-Zuid handelt uiteindelijk de schadeverzoeken ten aanzien van ervaren geluidshinder af. Vanwege de samenloop met het geluidsmaatregelenpakket HSL-Zuid, is het waarschijnlijk nodig om de Gemeenschappelijke Regeling voor het Schadeschap te verlengen tot en met 2025. Dit heeft geen invloed op het beschikbaar gestelde budget.

Projectoverzicht behorende bij 17.03 Hogesnelheidslijn Zuid (bedragen x € 1 miljoen)

Tabel 47 Projectoverzicht behorende bij 17.03 HSL-Zuid(bedragen x € 1 miljoen)
 

Projectbudget

Kasbudget

Indienststelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

huidig

vorig

HSL-Zuid (IF 17.03.01)

6.145

6.145

6.137

4

3

     

2009

2009

HSL-Zuid hoofdwegen (IF 17.03.03)

1.012

1.012

1.012

         

HSL-Zuid hoofdwegen (IF 17.03.02)

115

115

115

         

Begroting (IF 17.03)

7.272

7.272

7.265

4

3

0

0

0

 

0

  

17.06 Project Mainportontwikkeling Rotterdam

Motivering

Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam (PMR) heeft een tweeledige doelstelling:

  • het versterken van de positie van de mainport Rotterdam, en

  • het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving in Rijnmond.

In drie deelprojecten wordt deze dubbele doelstelling verwezenlijkt. Dat zijn «Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)» (uitgevoerd door de gemeente Rotterdam), «750 hectare natuur- en recreatiegebied» (uitgevoerd door de provincie Zuid-Holland) en «Landaanwinning» (uitgevoerd door Havenbedrijf Rotterdam NV (HbR)). In samenhang met de Landaanwinning dient voldoende natuurcompensatie te worden gerealiseerd.

IenW beschouwt PMR als een bijdrageproject, waarbij de verantwoordelijkheid en risico’s voor de uitvoering bij andere partijen zijn belegd. Uitzondering vormt de natuurcompensatie waarmee RWS is belast met de uitvoering. LNV is het aan te spreken ministerie voor de 750 hectare, IenW voor de landaanwinning en BZK voor BRG.

IenW is in het kader van de Procedureregeling Grote Projecten (Kamerstukken II 2006–2007, 30 351, nr. 3) aangewezen als coördinerend projectministerie. Als zodanig is de Minister van IenW verantwoordelijk voor de overall-projectbeheersing. De projectbeheersing is zodanig ingericht dat zij adequaat kan rapporteren over de processen die leiden tot de realisatie van de deelprojecten en sturing kan geven aan de uitvoering van het deelproject Natuurcompensatie dat rechtstreeks onder haar verantwoordelijkheid valt. De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat van de Tweede Kamer heeft op voorstel van de minister (Kamerstukken II 2015–2016, 24 691, nr. 125), vanwege de fase waarin PMR zich bevindt, ingestemd met een eenvoudiger governance structuur en ermee ingestemd dat de voortgangsrapportage voortaan bestaat uit toezending van de jaarlijkse monitorinformatie van de Tafel van Borging (de zogenoemde Integrale rapportage Visie en Vertrouwen). De laatste reguliere Voortgangsrapportage betreft de veertiende Voortgangsrapportage (Kamerstukken II 2015–2016, 24 691, nr. 123/124).

De vaste commissie voor Infrastructuur en Waterstaat van de Tweede Kamer heeft op 25 september 2018 in een brief aan de minister van IenW aangegeven de procedure te zijn gestart die zal leiden tot de beëindiging van de grootprojectstatus. De commissie heeft daarin de minister van IenW verzocht een eindevaluatie op te stellen, zoals bedoeld in artikel 15 van de Regeling Grote Projecten. Deze eindevaluatie is Q2 2020 aan de Tweede Kamer aangeboden.

Producten

In 2006 heeft het parlement de herstelde PKB PMR vastgesteld en ingestemd met het Bestuursakkoord (juni 2004) en de Uitwerkingsovereenkomsten van de afzonderlijke deelprojecten (september 2005). De PKB PMR (deel 4: de definitieve tekst na parlementaire instemming) is uitgebracht (Staatscourant nr. 247, 2006). De eerste fase van het deelproject landaanwinning is gereed, de tweede fase is gestart, de natuurcompensatie is aangelegd en wordt gemonitord en van het BRG-programma is meer dan de helft van de projecten uitgevoerd. Van het deelproject 750 hectare zijn onderdelen Schiezone en Vlinderstreek vrijwel gereed, het onderdeel Buytenland van Rhoon is in uitvoering nadat het nieuwe streefbeeld in 2018 is vastgesteld.

De volgende producten worden onderscheiden:

  • Uitvoeringsorganisatie: betreft de kosten die samenhangen met de coördinatie van het project en de projectbeheersing;

  • 750 hectare Natuur- en recreatiegebied: betreft de vaste bijdrage van het Rijk voor de omvorming van agrarisch gebied naar natuurgebied met recreatief medegebruik en tot openluchtrecreatiegebied met natuurwaarden. De deelbijdrage van IenW is in 2006 volledig betaald aan de Stichting Nationaal Groenfonds;

  • Groene Verbinding: betreft de kosten voor een verbinding tussen Midden-IJsselmonde en het stedelijk gebied van Rotterdam-Zuid. Dit is een gemaximeerde IenW-bijdrage;

  • BRG: dit bevat een serie projecten om het bestaande havengebied beter te benutten en de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren;

  • Natuurcompensatie: betreft de instelling van een Bodembeschermingsgebied, de aanleg van de Duincompensatie Delfland en het Monitorings- en Evaluatieprogramma. Voorts zijn uit dit budget de Stimuleringsregelingen recreatie en toerisme en visserij en wordt de planschade/ nadeelcompensatie gefinancierd;

  • Landaanwinning: betreft de vaste bijdrage van de rijksoverheid in de kosten van de aanleg van de buitencontour;

  • Btw Buitencontour: betreft de niet-compensabele btw over de buitencontour naar rato van de overheidsbijdrage;

  • Onvoorzien: dient onder voorwaarden ter bekostiging van onvoorziene uitgaven aan PMR. Als gevolg van de verbreding van het Breeddiep is een aanvulling op de uitwerkingsovereenkomst met het Havenbedrijf Rotterdam afgesloten. Dit was reeds als scopewijziging aangekondigd in de 13e Voortgangsrapportage PMR (Kamerstukken II 2014–2015, 24 691, nr. 121 en Kamerstukken II 2014–2015, 24 691, nr. 122). De dekking van de bijdrage van IenW wordt gevonden in de Post Onvoorzien.

  • Voor de verdieping van de Nieuwe Waterweg als concurrentieversterkende maatregel voor de mainport Rotterdam heeft IenW € 35 miljoen beschikbaar gesteld (Kamerstukken II 2015–2016, 34 003, nr. 25). De dekking van de bijdrage van IenW is gevonden in de post onvoorzien. Wegens opgetreden projectrisico’s (zoals aangetroffen kabels en leidingen en extra baggerinspanningen) is de post onvoorzien verder aangesproken, zodat de verdieping in totaal € 44 miljoen heeft gekost. Met het Havenbedrijf Rotterdam is een addendum op de Uitwerkingsovereenkomst (UWO) Landaanwinning PMR overeengekomen.

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

  • 2009 Procedures met betrekking tot landaanwinning en natuurcompensatie afgerond;

  • 2010 Uitvoering Duincompensatie Delfland gereed;

  • 2011 Eerste terreinuitgifte Maasvlakte II;

  • 2011 Afronding procedure bestemmingsplanprocedures 750 hectare;

  • 2012 Bestemmingsplannen 750 hectareonherroepelijk;

  • 2013 Landaanwinning eerste fase gereed;

  • 2014 Groene Verbinding opgeleverd en in gebruik genomen;

  • 2014 Laatste infrastructurele projecten voor aansluiting Maasvlakte II op Maasvlakte I gereed;

  • 2015 Officiële opening eerste terminal Maasvlakte II;

  • 2016 De verbreding van het Breeddiep is toegevoegd aan het project en gerealiseerd;

  • 2018 De verdieping van de Nieuwe Waterweg is toegevoegd aan het project;

  • 2018 Deelproject 750 hectare natuur- en recreatieterrein: nieuw streefbeeld onderdeel Buytenland van Rhoon (650 ha) gereed;

  • 2019 Verdieping van de Nieuwe Waterweg gereed;

  • 2020 Eindevaluatie PMR volgens Regeling Grote Projecten naar Tweede Kamer;

  • 2021 Deelprojecten BRG en 750 hectare natuur- en recreatieterrein, onderdelen Vlinderstrik en Schiezone afgerond;

  • 2026 Deelproject 750 hectare natuur- en recreatieterrein, onderdeel Buytenland van Rhoon (650 ha) afgerond;

  • Voor 2040 Terreinen Tweede Maasvlakte volledig uitgegeven.

Belangrijkste budgettaire aanpassingen

Vanwege de afronding van de werkzaamheden wordt het restantbudget van de natuurcompensatie en de uitvoeringsorganisatie Project Mainportontwikkeling Rotterdam overgeboekt naar het budget onvoorzien.

Tabel 48 Projectoverzicht behorende bij 17.06 Project Mainportontwikkeling Rotterdam (bedragen x € 1 miljoen.) 
 

Projectbudget

Kasbudget

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

huidig

vorig

Project Mainportontwikkeling Rotterdam

            

Uitvoeringsorganisatie1

20

20

18

      

1

nnb

nnb

750 ha

30

30

30

       

nnb

nnb

Groene verbinding

31

31

31

       

2011

2011

Bestaand Rotterdams Gebied (BRG)

          

2021

2021

Landaanwinning

            

Voorfinanciering FES monitoringsprogramma

2

0

2

       

2007

2007

Voorfinanciering FES natuurcompensatie

103

103

90

2

0

1

1

1

1

6

nnb

nnb

Landaanwinning

742

742

742

       

2013

2013

BTW Buitencontour

138

138

138

       

2013

2013

Onvoorzien

100

99

44

8

     

48

nnb

nnb

Afrondingsverschillen

‒ 1

1

1

1

        

Programma

1.165

1.164

1.096

11

0

1

1

1

1

55

  

Begroting (IF 17.06)

   

11

0

1

1

1

1

55

  
1

Als gevolg van een uitspraak van de Raad van State van 26 januari 2005 inzake de PKB+ heeft in 2005 en 2006 een hersteltraject gelopen. De kosten hiervan zijn opgenomen onder de uitvoeringsorganisatie.

17.07 European Rail Traffic Management System (ERTMS) 

Motivering

Het hoofddoel van het Rijk in de Lange Termijn Spooragenda (LTSa) voor het spoorsysteem is de kwaliteit van het spoor als vervoersproduct te verbeteren zodat de reizigers en verladers de trein in toenemende mate als een aantrekkelijke vervoersoptie zien en gaan/blijven gebruiken. Om in Nederland een stap voorwaarts te kunnen zetten in de prestaties van het spoorsysteem, zal ERTMS ingezet worden als (onderdeel van) het verkeersmanagementsysteem. ERTMS is in de eerste plaats bedoeld ter vervanging van het beveiligingssysteem, de verhoging van de spoorwegveiligheid en de interoperabiliteit. In de tweede plaats moet voldaan worden aan de Europese eisen ten aanzien van de invoering van ERTMS voor de EU-TEN-corridors.

De doelstellingen van (de invoering van) ERTMS zijn:

  • Verhogen van de veiligheid van het spoorsysteem;

  • Verhogen van de interoperabiliteit van het spoorsysteem;

  • Vergroten van de capaciteit van het spoorsysteem;

  • Verhogen van de snelheid van de treinen;

  • Verhogen van de betrouwbaarheid van het spoorsysteem.

Producten

Op 17 mei 2019 heeft het Kabinet de programmabeslissing ERTMS (Kamerstukken II 2018–2019, 33 652, nr. 65) genomen. Hiermee is het programma overgegaan van de planuitwerkingsfase naar de realisatiefase. In deze fase tot en met 2030 worden door ProRail en vervoerders de komende jaren tientallen werkprocessen aangepast om treinen te kunnen laten rijden, circa 1.300 treinen en locomotieven omgebouwd of opgewaardeerd naar ERTMS en ten minste 15.000 gebruikers opgeleid. Ook zal het systeem en de operatie worden beproefd en uiteindelijk 345 km spoor op zeven baanvakken van ERTMS voorzien. Het Kabinet heeft in 2019 tevens besloten structureel middelen te reserveren voor de uitrol van ERTMS in de rest van Nederland in de periode 2030-2050. Hiervoor zijn middelen gereserveerd op artikelonderdeel 20.03.

De jaren 2020 en 2021 staan in het teken van de aanbesteding voor de infrastructuur en het materieel. Het ketenbeheer wordt opgezet als eerste migratiestap. Bij ProRail en de vervoerders worden de bedrijfsvoering en de centrale ICT-systemen voorbereid op de komst van ERTMS.

Het programma ERTMS is door de Kamer aangewezen als Groot Project. De Kamer wordt daarom twee keer per jaar door middel van een voortgangsrapportage geïnformeerd. De laatste voortgangsrapportage van de staatssecretaris van IenW betreft de twaalfde voortgangsrapportage (Kamerstukken II 2019–2020, 33 652, nr. 75).

Tabel 49 Projectoverzicht behorende bij 17.07 ERTMS (bedragen x € 1 miljoen.)
 

Projectbudget

Kasbudget

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

huidig

vorig

ERTMS

            

Realisatiefase

2.384

2.347

89

96

105

191

183

183

229

1.309

  

Planuitwerkingsfase

95

95

          

Programma

2.479

2.442

89

96

105

191

183

183

229

1.309

  

Afrekening voorschotten

20

7

7

12

0

0

0

0

0

0

  

Begroting (IF 17.07.01)

2.499

2.450

96

75

42

148

135

148

280

1.479

  

Overprogrammering (-)

   

‒ 33

‒ 63

‒ 43

‒ 48

‒ 35

51

170

  

17.08 Zuidasdok

Motivering

De ruimtelijke ontwikkelingen in de corridor Haarlemmermeer-Almere en op de Zuidas versterken de toename van reizigers en verkeer. Door opening van de Noord-Zuidlijn, Hanzelijn en ov-SAAL neemt het aantal reizigers op station Amsterdam-Zuid toe. De vergroting en kwalitatieve opwaardering van de stations capaciteit is nodig om de groeiende reizigersstromen te accommoderen en te voldoen aan de NSP-kwaliteitsnorm. Om ruimte te bieden aan de uitbreiding van de ov-terminal en de wegcapaciteit te vergroten, wordt de A10 ondergronds gebracht en verbreed. Een investering in de ruimtelijke kwaliteit van de Zuidas draagt verder bij aan de versterking van een internationale toplocatie. In kamerbrief van 23 juli (Kamerstukken II 2019-2020, 32668, nr. 15) is de Kamer geïnformeerd over de actuele stand van zaken op het project.

Producten

  • Projectorganisatie en voorbereiding (inclusief Knopen);

  • Uitbreiding van de ov-terminal (inclusief keersporen, regionaal ov en ketenmobiliteit);

  • Tunnel en uitbreiding van A10;

  • Inrichting van de openbare ruimte en generieke uitgaven.

Overzicht van de bijdragen:In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de financiering van het project. Deze middelen kunnen tijdens de realisatieperiode integraal aan alle productuitgaven worden besteed. Tussentijds en achteraf zal inzichtelijk worden gemaakt waaraan de middelen zijn besteed (verantwoording).

Tabel 50 Overzicht van de bijdragen (bedragen x € 1 miljoen)
  

Kasbudget

Projectomschrijving

Totaal

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

Bijdragen Rijk

1.113

260

49

‒ 22

101

224

130

6

365

Bijdrage gemeente Amsterdam

224

54

5

12

25

33

25

8

62

Bijdrage Vervoersregio Amsterdam

168

41

4

9

19

24

19

7

46

Bijdrage Provincie Noord Holland

83

 

28

28

28

    

EU-ontvangsten

3

3

       

Bijdrage derden

101

32

     

68

1

Programma

1.692

390

86

26

173

281

174

90

473

Begroting (IF 17.08)

1.692

390

86

26

173

281

174

90

473

Overzicht van de uitgaven:Om in de begroting de totale uitgaven van het project weer te geven, zijn de uitgekeerde bedragen via de BDU en de betalingen van Amsterdam voor het project Zuidasdok in het verleden in de begroting en het integrale overzicht opgenomen. Het projectbudget van de Zuidasdok is met € 21 miljoen toegenomen als gevolg van prijsindexering 2020.

Tabel 51 Projectoverzicht behorende bij 17.08 Zuidasdok (bedragen x € 1 miljoen)
 

Projectbudget

Kasbudget

Openstelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

huidig

vorig

Zuidasdok

            

Projectorganisatie en voorbereiding

177

176

69

12

0

4

8

13

8

62

  

OVT incl. keerspoor

285

282

148

10

13

18

24

18

18

35

  

Tunnel en A10

835

823

70

28

1

109

204

134

55

233

  

Generiek en ruimtelijke inrichting

395

390

102

36

12

41

45

8

8

142

  

Afrondingen

            

Programma

1.692

1.671

390

86

26

173

281

174

90

473

2032- 2036

2032- 2036

Begroting (IF 17.08)

1.692

1.671

390

86

26

173

281

174

90

473

  

17.10 Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

Motivering

Vanaf 2018 heeft het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer de status van groot project. Op dit artikelonderdeel worden de uitgaven van PHS verantwoord. De basisrapportage, die voortvloeit uit de status van groot project, is in april 2019 naar de Tweede Kamer gezonden (Kamerstukken II 2018-2019, 32 404, nr. 92).

Er wordt steeds meer gebruik gemaakt van het openbaar vervoer. Ook het spoorgoederenvervoer neemt toe. Dat vraagt om een aanpak om meer capaciteit te bieden en een hoogwaardig spoorvervoer mogelijk te maken. Het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) heeft tot doel op de drukste trajecten in het land te komen tot hoogfrequent spoorvervoer en een toekomst vaste routering van het goederenvervoer met zo intensief mogelijk gebruik van de Betuweroute. Er gaan meer treinen rijden in de drukste delen van het land en er komt extra ruimte voor goederenvervoer op het spoor naast maatregelen om het gebruik van de Betuweroute nog extra te stimuleren.

Het gaat om de volgende corridors en frequenties:

  • Alkmaar-Amsterdam (6 intercity’s en 6 sprinters);

  • Amsterdam-Utrecht-Eindhoven (6 intercity’s op de corridor en 6 sprinters tussen Utrecht en Geldermalsen);

  • Schiphol-Utrecht-Arnhem/Nijmegen (6 intercity’s op de corridor en 4 sprinters tussen Breukelen en Driebergen-Zeist);

  • Den Haag-Rotterdam-Breda (8 intercity’s en 6 sprinters tussen Den Haag en Rotterdam en 4 intercity’s tussen Rotterdam en Breda);

  • Breda-Eindhoven (4 intercity’s en 4 sprinters Breda-Tilburg);

  • Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad (OV SAAL) (6 intercity’s en 6 sprinters, 4 IC’s Amsterdam Centraal naar Almere en 2 sprinters Almere-Hilversum-Utrecht;

  • Goederenroutering Zuid-Nederland.

Het PHS-programma en de diverse projecten die hier onderdeel van uit maken moeten de gewenste treinaantallen mogelijk maken in combinatie met een zo goed mogelijke dienstregeling (goede verdeling van de treinen over het uur, goede aansluitingen, combinatie met goederenvervoer e.d.). Daarbij is een belangrijk aandachtspunt dat de PHS-corridors onderdeel vormen van een samenhangend spoorwegnet en treindienstregeling, waarbij er vele afhankelijkheden bestaan en er in de loop der tijd rekening moet worden gehouden met nieuwe inzichten en ontwikkelingen. De uiteindelijke dienstregeling wordt conform de vervoerconcessie van IenW aan NS opgesteld door NS. NS stelt deze vast op basis van de daadwerkelijk beschikbare infrastructuur, de daadwerkelijk marktvraag per traject, overleg met betrokken overheden en consumentenorganisaties. De scope, planning en financiële stand van zaken (peildatum eind 2018) zijn opgenomen in de basisrapportage PHS; deze dient als referentie voor de opeenvolgende voortgangsrapportages over PHS die elk half jaar verschijnen.

Producten

Op 4 juni 2010 (Kamerstukken II 2009-2010, 32 404, nr. 1) heeft het kabinet een voorkeursbeslissing genomen over PHS. Sinds begin 2011 loopt de planuitwerking. PHS is een samenhangend en langlopend programma en wordt stap voor stap gerealiseerd tot en met 2028. Fasegewijs zullen de frequenties worden verhoogd, als de benodigde infrastructuur dat mogelijk maakt.

Inmiddels is een aantal projecten uitgevoerd en gaat PHS steeds verder in realisatie en worden onderdelen vastgelegd in subsidiebeschikkingen. In het MIRT overzicht is per onderdeel in realisatie een MIRT-blad opgenomen en is de voortgang van de diverse PHS onderdelen aangegeven. Elk halfjaar wordt in de opeenvolgende voortgangsrapportages PS de inhoudelijke en financiele voortgang van PHS en de diverse corridors aangegeven.

Belangrijkste (budgettaire) aanpassingen

Planuitwerkingsfase PHS

Naast de toevoeging van de prijsbijstelling 2020 (€ 49 miljoen) is vanuit het planuitwerkingsbudget PHS € 23 mln overgeboekt naar het realisatieproject PHS Meteren Boxtel ter dekking van de voorbereidingskosten van de aanbesteding.

Tabel 52 Projectoverzicht behorende bij 17.10 Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (bedragen x € 1 miljoen)
 

Projectbudget

Kasbudget

Indienststelling

Projectomschrijving

huidig

vorig

t/m 2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

later

huidig

vorig

Programma Hoogfrequent Spoorvervoer

          

Realisatiefase

1.786

1.742

1.039

204

159

135

87

62

49

52

  

PHS: Doorstroomstation Utrecht

263

263

248

3

1

1

4

6

 

0

2017

2017

PHS: Spooromgeving Geldermalsen

140

138

37

58

23

8

13

   

2021

2021

PHS: Meteren - Boxtel

77

53

23

16

21

4

4

2

2

5

2028- 2029

2026- 2028

PHS: Rijswijk - Rotterdam

356

351

42

62

57

52

36

30

30

47

2023- 2025

2023- 2025

PHS Ede

52

48

3

2

6

23

7

7

4

 

2021

 

PHS Amsterdam

138

136

10

23

30

27

18

18

13

0

  

OV-SAAL korte termijn

630

630

630

0

0

0

0

0

 

0

2016

2016

OV-SAAL middellange termijn

65

64

28

23

6

8

0

0

 

0

2026- 2028

2026- 2028

PHS: Overige maatregelen (projecten < € 50 miljoen)

65

59

18

17

13

11

5

0

0

0

  

Afrondingen

     

1

 

‒ 1

    

Planuitwerkingsfase

2.521

2.516

          

Corridor Alkmaar-Amsterdam

            

Corridor Amsterdam-Utrecht-Eindhoven

            

Corridor Schiphol-Utrecht-Arnhem/Nijmegen

            

Corridor Breda-Eindhoven

            

Corridor Den Haag– Rotterdam

            

Corridor OV SAAL middellange termijn

            

Routering goederenvervoer Zuid-Nederland

            

Overige (planstudiekosten)

            

Afrondingen

    

1

       

Programma

4.307

4.258

1.039

204

158

134

87

63

49

52

  

Afrekening voorschotten

37

24

24

13

        

Begroting (IF 17.10)

4.343

4.281

1.062

182

86

87

15

16

14

359

0

0

Overprogrammering (-)

   

‒ 36

‒ 72

‒ 47

‒ 72

‒ 47

‒ 35

307

  

17.09 Ontvangsten

Motivering

Op dit artikelonderdeel worden de bijdragen van derden voor de realisatie van de Megaprojecten verkeer en vervoer, die rechtstreeks aan IenW worden betaald, verantwoord.

Licence